Art. 70 Gedelegeerde Verordening (EU) 2019/2035, Verplichtingen van exploitanten die honden, katten en fretten houden met betrekking tot de middelen en methoden voor de identificatie van die dieren en de aanbrenging en het gebruik ervan

Gedelegeerde Verordening (EU) 2019/2035

Exploitanten die honden, katten en fretten houden, zorgen ervoor dat:

a) die dieren individueel worden geïdentificeerd met behulp van een injecteerbare transponder zoals bedoeld in bijlage III, onder e), wanneer zij naar een andere lidstaat worden verplaatst;

b) de injecteerbare transponder die bedoeld is om in het dier te worden geïmplanteerd, door de bevoegde autoriteit is goedgekeurd;

c) zij aan de bevoegde autoriteit en, indien nodig, aan andere exploitanten de uitleesvoorziening verstrekken waarmee het mogelijk is de individuele identificatie van het dier te allen tijde te verifiëren, indien de geïmplanteerde injecteerbare transponder niet door de bevoegde autoriteit is goedgekeurd.