Art. 19 Verordening (EU) 2019/1149, Voorzitter van de raad van bestuur
1. De raad van bestuur kiest een voorzitter en een vicevoorzitter uit de stemgerechtigde leden en streeft naar evenwicht tussen mannen en vrouwen. De voorzitter en de vicevoorzitter worden verkozen met een tweederdemeerderheid van de stemgerechtigde leden van de raad van bestuur.
Als de eerste stemronde geen tweederdemeerderheid oplevert, wordt een tweede stemronde georganiseerd waarbij een gewone meerderheid van de stemgerechtigde leden van de raad van bestuur volstaat om de voorzitter en de vicevoorzitter te verkiezen.
De vicevoorzitter vervangt de voorzitter automatisch wanneer hij niet in staat is zijn taken uit te voeren.
2. De ambtstermijn van de voorzitter en de vicevoorzitter bedraagt drie jaar. Hun ambtstermijn kan eenmaal worden verlengd. Wanneer hun lidmaatschap van de raad van bestuur echter tijdens hun ambtstermijn eindigt, loopt hun ambtstermijn automatisch op die datum af.