Art. 76 Verordening (EU) 2018/858, Monitoring van technische diensten
1. De aanwijzende typegoedkeuringsinstantie houdt voortdurend toezicht op de technische diensten teneinde conformiteit met de voorschriften van de artikelen 68 tot en met 72, de artikelen 80 en 81 en aanhangsel 2 bij bijlage III te waarborgen.
De eerste alinea van dit lid is niet van toepassing op activiteiten van technische diensten die overeenkomstig artikel 67, lid 1, door accreditatie-instanties worden gemonitord teneinde naleving van de voorschriften van de artikelen 68 tot en met 72, de artikelen 80 en 81 en aanhangsel 2 bij bijlage III te waarborgen.
Technische diensten verstrekken op verzoek alle relevante informatie en documenten die nodig zijn om de aanwijzende typegoedkeuringsinstantie of nationale accreditatie-instantie in staat te stellen na te gaan of die voorschriften worden nageleefd.
Technische diensten informeren de aanwijzende typegoedkeuringsinstanties of nationale accreditatie-instantie onverwijld over alle wijzigingen, met name wat hun personeel, bedrijfsruimten, dochterondernemingen of onderaannemers betreft, die gevolgen kunnen hebben voor de naleving van de voorschriften van de artikelen 68 tot en met 72, de artikelen 80 en 81 en aanhangsel 2 bij bijlage III of voor hun vermogen om de conformiteitsbeoordelingen te verrichten ten aanzien van de voertuigen, systemen, onderdelen en technische eenheden waarvoor zij zijn aangewezen.
2. Technische diensten geven onverwijld gehoor aan verzoeken van een typegoedkeuringsinstantie of van de Commissie in verband met de conformiteitsbeoordelingen die zij hebben verricht.
3. De aanwijzende typegoedkeuringsinstantie zorgt ervoor dat de technische dienst de in lid 2 van dit artikel vastgestelde verplichtingen nakomt, tenzij er een geldige reden is om dit niet te doen.
Indien die typegoedkeuringsinstantie een geldige reden erkent, stelt zij de Commissie daarvan in kennis.
De Commissie pleegt onverwijld overleg met de lidstaten. Aan de hand van dat overleg stelt de Commissie uitvoeringshandelingen vast waarin wordt beslist of de geldige reden al dan niet gerechtvaardigd is. Die uitvoeringshandelingen worden volgens de in artikel 83, lid 2, bedoelde onderzoeksprocedure vastgesteld.
De technische dienst en de aanwijzende typegoedkeuringsinstantie kan verzoeken dat aan de typegoedkeuringsinstantie van een andere lidstaat of aan de Commissie doorgegeven informatie vertrouwelijk wordt behandeld.
4. De aanwijzende typegoedkeuringsinstantie beoordeelt ten minste elke dertig maanden of de technische diensten waarvoor zij verantwoordelijk is, blijven voldoen aan de voorschriften van de artikelen 68 tot en met 72, de artikelen 80 en 81 en aanhangsel 2 bij bijlage III. Die beoordeling omvat een beoordeling ter plaatse bij elke technische dienst waarvoor zij verantwoordelijk is.
Binnen twee maanden na het afronden van de beoordeling van de technische dienst brengt elke lidstaat over zijn monitoringactiviteiten verslag uit bij de Commissie en bij de andere lidstaten. Die verslagen bevatten een samenvatting van de beoordeling, die openbaar wordt gemaakt.