Art. 51 Verordening (EU) 2017/2196, Conformiteitstests en periodieke evaluatie van het herstelplan
1. Elke TSB evalueert ten minste om de vijf jaar de maatregelen van zijn herstelplan op basis van computersimulatietests, aan de hand van de gegevens van de overeenkomstig artikel 23, lid 4, aangewezen DSB's en de aanbieders van hersteldiensten. De TSB stelt deze simulatietests vast in een specifieke testprocedure die betrekking heeft op ten minste:
a) het traject voor het spanningsherstel voor aanbieders van hersteldiensten met black-start- of eilandbedrijfgeschiktheden;
b) de voorziening van de belangrijkste eigenbedrijfsinstallaties van de elektriciteitsproductie-eenheden;
c) het proces voor de herinschakeling van het verbruik, en
d) het proces voor de hersynchronisatie van netwerken in eilandbedrijf.
2. Indien het nodig wordt geacht door de TSB voor de doeltreffendheid van het herstelplan, voert elke TSB daarnaast operationele tests uit op delen van het herstelplan in samenwerking met de overeenkomstig artikel 23, lid 4, aangewezen DSB's en de aanbieders van hersteldiensten. In samenwerking met de DSB's en aanbieders van hersteldiensten stelt de TSB deze operationele tests vast in een specifieke testprocedure.
3. Elke TSB evalueert minstens om de vijf jaar zijn herstelplan om de doeltreffendheid ervan te beoordelen.
4. Elke TSB evalueert de relevante maatregelen van zijn herstelplan overeenkomstig lid 1 en onderzoekt hun doeltreffendheid voordat de netconfiguratie ingrijpend wordt gewijzigd.
5. Indien de TSB vaststelt dat het herstelplan aangepast moet worden, wijzigt hij zijn herstelplan en voert deze wijzigingen uit overeenkomstig artikel 4, lid 2, onder c) en d), en de artikelen 23 en 24.