Art. 62 Verordening (EU) 2017/2195, Afwijkingen
1. Een in artikel 37 van Richtlijn 2009/72/EG bedoelde regulerende instantie kan, op verzoek van een TSB of op eigen initiatief, de relevante TSB's toestaan af te wijken van één of meer bepalingen van deze verordening overeenkomstig leden 2 tot en met 12.
2. Een TSB kan om afwijking van de volgende eisen verzoeken:
a) de termijnen tegen dewelke een TSB gebruik moet maken van de Europese platforms overeenkomstig artikel 19, lid 5, artikel 20, lid 6, artikel 21, lid 6, en artikel 22, lid 5;
b) de definitie van de ISP-GCT in een centraal dispatchingmodel overeenkomstig artikel 24, lid 5, en de mogelijkheid om biedingen van het geïntegreerde programmeringsproces te wijzigen overeenkomstig artikel 24, lid 6;
c) het maximumvolume zoneoverschrijdende capaciteit die is toegewezen op basis van een marktgebaseerd proces overeenkomstig artikel 41, lid 2, of op basis van een analyse van de economische efficiëntie overeenkomstig artikel 42, lid 2;
d) de harmonisering van de onbalansverrekeningsperiode overeenkomstig artikel 53, lid 1;
e) de implementatie van de eisen van de artikelen 45, 46, 47, 48, 49, 50, 51, 54, 55, 56 en 57.
3. Het afwijkingsproces moet transparant, niet-discriminerend, niet-vooringenomen en goed gedocumenteerd zijn en zijn gebaseerd op een met redenen omkleed verzoek.
4. TSB's dienen een schriftelijk verzoek tot afwijking in bij de relevante regulerende instantie, uiterlijk zes maanden vóór de datum van toepassing van de bepalingen waarvan afwijking wordt gevraagd.
5. Het afwijkingsverzoek bevat de volgende informatie:
a) de bepalingen waarvoor een afwijking wordt gevraagd;
b) de periode waarvoor de afwijking wordt gevraagd;
c) een gedetailleerd plan en een gedetailleerd tijdschema waarin is aangegeven hoe de tenuitvoerlegging van de relevante bepalingen van deze verordening moet worden aangepakt en gegarandeerd na afloop van de afwijkingsperiode;
d) een beoordeling van de gevolgen van de gevraagde afwijking voor aangrenzende markten;
e) een beoordeling van de mogelijke risico's die de gevraagde afwijking inhoudt voor de integratie van balanceringsmarkten in heel Europa.
6. Uiterlijk zes maanden na de dag waarop de relevante regulerende instantie een afwijkingsverzoek heeft ontvangen, neemt zij een besluit over dat verzoek. Vóór deze termijn verstrijkt, kan deze met drie maanden worden verlengd als de regulerende instantie nadere informatie vraagt aan de TSB die om de afwijking verzoekt. Deze aanvullende periode gaat in als alle informatie is ontvangen.
7. De TSB die om de afwijking verzoekt, moet alle door de relevante regulerende instanties gevraagde aanvullende informatie binnen twee maanden na dat verzoek indienen. Als de TSB de gevraagde informatie niet binnen die termijn indient, wordt het afwijkingsverzoek geacht te zijn ingetrokken, tenzij:
a) de relevante regulerende instantie vóór het verstrijken van de termijn besluit een verlenging toe te kennen;
b) de TSB vóór het verstrijken van de termijn de relevante regulerende instantie middels een met redenen omklede motivering ervan in kennis stelt dat het afwijkingsverzoek volledig is.
8. Bij de beoordeling van het afwijkingsverzoek of vóór de toekenning van een afwijking op eigen initiatief, houdt de relevante regulerende instantie rekening met de volgende aspecten:
a) de moeilijkheden in verband met de tenuitvoerlegging van de desbetreffende bepaling of bepalingen;
b) de risico's en gevolgen van de desbetreffende bepaling of bepalingen voor de operationele veiligheid;
c) de acties die zijn ondernomen om de tenuitvoerlegging van de desbetreffende bepaling of bepalingen te vergemakkelijken;
d) de gevolgen van de niet-toepassing van de desbetreffende bepaling of bepalingen voor de non-discriminatie van en concurrentie met andere Europese marktdeelnemers, met name wat vraagrespons en hernieuwbare energiebronnen betreft;
e) het effect op de algemene economische efficiëntie en de slimme-netinfrastructuur;
f) de gevolgen voor andere programmeringszones en de algemene gevolgen voor het Europees marktintegratieproces.
9. De relevante regulerende instantie stelt een met redenen omkleed besluit op met betrekking tot een verzoek om afwijking of een op eigen initiatief toegekende afwijking. Als de relevante regulerende instantie een afwijking toekent, specificeert zij de duur ervan. De afwijking mag slechts één keer en voor een maximumperiode van twee jaar worden toegekend, behalve voor de afwijkingen in lid 2, onder c) en d), die tot 1 januari 2025 mogen worden toegekend.
10. De relevante regulerende instantie stelt de TSB, het Agentschap en de Europese Commissie in kennis van haar besluit. Het besluit wordt ook op de website van de relevante regulerende instantie gepubliceerd.
11. De relevante regulerende instanties houden een register bij van alle afwijkingen die zij hebben verleend of geweigerd en verstrekken het Agentschap minstens om de zes maanden een geactualiseerd en geconsolideerd register, waarvan ook een exemplaar aan het ENTSO-E wordt bezorgd.
12. Het register bevat met name:
a) de bepalingen waarvan afwijking wordt toegestaan of geweigerd;
b) de inhoud van de afwijking;
c) de redenen voor het toestaan of weigeren van de afwijking;
d) de gevolgen van het toestaan van de afwijking.