Art. 4 Verordening (EU) 2017/2195, Voorwaarden en methodologieën van TSB's

Verordening (EU) 2017/2195

1. De TSB's ontwikkelen de bij deze verordening vereiste voorwaarden of methodologieën en dienen die ter goedkeuring in bij de relevante regulerende instanties overeenkomstig artikel 37 van Richtlijn 2009/72/EG, binnen de bij deze verordening vastgestelde termijnen.

2. Wanneer een voorstel voor de voorwaarden of methodologieën overeenkomstig deze verordening door meer dan één TSB moet worden opgesteld en overeengekomen, werken de desbetreffende TSB's nauw samen. Met de assistentie van het ENTSO-E stellen de TSB's de relevante regulerende instanties en het Agentschap op gezette tijden in kennis van de voortgang bij de opstelling van deze voorwaarden of methodologieën.

3. Wanneer de TSB's geen overeenstemming bereiken over voorstellen voor voorwaarden of methodologieën overeenkomstig artikel 5, lid 2, nemen zij een besluit bij gekwalificeerde meerderheid van stemmen. Een gekwalificeerde meerderheid voor voorstellen overeenkomstig artikel 5, lid 2, vergt een meerderheid van:

a) TSB's die ten minste 55 % van de lidstaten vertegenwoordigen, en

b) TSB's die lidstaten vertegenwoordigen die ten minste 65 % van de bevolking van de Unie vertegenwoordigen.

TSB's die ten minste vier lidstaten vertegenwoordigen, vormen een blokkeringsminderheid voor besluiten overeenkomstig artikel 5, lid 2; als er geen blokkeringsminderheid is, wordt de gekwalificeerde meerderheid geacht te zijn bereikt.

4. Wanneer de betrokken regio's meer dan vijf lidstaten omvatten en de TSB's het niet eens worden over voorstellen voor voorwaarden of methodologieën overeenkomstig artikel 5, lid 3, nemen zij een besluit bij gekwalificeerde meerderheid van stemmen. Een gekwalificeerde meerderheid voor voorstellen overeenkomstig artikel 5, lid 3, vergt een meerderheid van:

a) TSB's die ten minste 72 % van de betrokken lidstaten vertegenwoordigen, en

b) TSB's die ten minste 65 % van de bevolking van het betrokken gebied vertegenwoordigen.

Een blokkeringsminderheid voor besluiten overeenkomstig artikel 5, lid 3, wordt gevormd door TSB's die meer dan 35 % van de bevolking van de deelnemende lidstaten vertegenwoordigen, plus TSB's die ten minste één extra betrokken lidstaat vertegenwoordigen; als er geen blokkeringsminderheid is, wordt de gekwalificeerde meerderheid geacht te zijn bereikt.

5. TSB's die beslissen over voorstellen voor voorwaarden of methodologieën overeenkomstig artikel 5, lid 3, met betrekking tot regio's die zijn samengesteld uit maximaal vijf lidstaten, stellen hun besluiten vast op basis van consensus.

6. Voor TSB-besluiten overeenkomstig leden 3 en 4 beschikt elke lidstaat over één stem. Als er op het grondgebied van een lidstaat meer dan één TSB is, verdeelt die lidstaat de stembevoegdheden over de TSB's.

7. Wanneer de TSB's hebben nagelaten om binnen de bij deze verordening vastgestelde termijnen een voorstel voor voorwaarden of methodologieën in te dienen bij de relevante regulerende instanties, zenden zij de relevante regulerende instanties en het Agentschap de relevante ontwerpen van de voorwaarden of methodologieën toe en verduidelijken zij waarom geen overeenstemming is bereikt. Het Agentschap stelt de Commissie in kennis van deze informatie en voert, in samenwerking met de relevante regulerende instanties en op verzoek van de Commissie, een onderzoek uit naar de redenen voor dit gebrek aan overeenstemming en stelt de Commissie op de hoogte van de resultaten daarvan. De Commissie neemt passende maatregelen om de vaststelling van de vereiste voorwaarden of methodologieën mogelijk te maken binnen een termijn van vier maanden na ontvangst van de informatie van het Agentschap.

Verwijst naar

Vorige artikelen

Volgende artikelen