Art. 82 Verordening (EU) 2017/1939, Doorgiften mits er voldoende waarborgen zijn
1. Bij ontstentenis van een adequaatheidsbesluit kan het EOM operationele persoonsgegevens slechts doorgeven aan een derde land of een internationale organisatie indien:
a) in een juridisch bindend instrument wordt voorzien in passende waarborgen voor de bescherming van operationele persoonsgegevens, of
b) het EOM alle omstandigheden in verband met de doorgifte van operationele persoonsgegevens heeft beoordeeld en heeft geconcludeerd dat er passende waarborgen bestaan voor de bescherming van operationele persoonsgegevens.
2. Het EOM stelt de Europese Toezichthouder voor gegevensbescherming in kennis van de categorieën van doorgiften op grond van lid 1, onder b).
3. Indien een doorgifte op lid 1, onder b), is gebaseerd, wordt deze doorgifte gedocumenteerd en wordt de documentatie desgevraagd ter beschikking van de Europese Toezichthouder voor gegevensbescherming gesteld, met inbegrip van de datum en tijd van doorgifte, informatie over de ontvangende bevoegde autoriteit, de reden voor de doorgifte en de doorgegeven operationele persoonsgegevens zelf.