Art. 14 Gedelegeerde Verordening (EU) 2017/891, Transnationale producentenorganisaties

Gedelegeerde Verordening (EU) 2017/891

1. Een transnationale producentenorganisatie heeft haar hoofdzetel in de lidstaat waar de organisatie het grootste deel van de overeenkomstig de artikelen 22 en 23 berekende waarde van de afgezette productie realiseert.

Als alternatief mag, als de betrokken lidstaten daarmee instemmen, de hoofdzetel worden gevestigd in de lidstaat waar de aangesloten producenten in meerderheid hun locatie hebben.

2. Wanneer de transnationale producentenorganisatie een operationeel programma uitvoert en het grootste deel van de waarde van de afgezette productie op het moment van de aanvraag voor een nieuw operationeel programma wordt gerealiseerd in een andere lidstaat of wanneer de leden van de organisatie in meerderheid hun locatie in een andere lidstaat hebben dan die waar die transnationale producentenorganisatie haar hoofdzetel heeft, blijft de hoofdzetel tot het einde van de uitvoering van het nieuwe operationele programma in de lidstaat van dat moment.

Als aan het einde van de uitvoering van dat nieuwe operationele programma echter het grootste deel van de waarde van de afgezette productie nog wordt gerealiseerd of de leden van de organisatie nog in meerderheid hun locatie hebben in een andere lidstaat dan die waar de hoofdzetel zich op dat moment bevindt, wordt de hoofdzetel verplaatst naar die andere lidstaat, tenzij de betrokken lidstaten ermee instemmen dat de locatie van de hoofdzetel niet wordt gewijzigd.

3. De lidstaat waar de transnationale producentenorganisatie haar hoofdzetel heeft, is verantwoordelijk voor:

a) de erkenning van de transnationale producentenorganisatie;

b) de goedkeuring van het operationele programma van de transnationale producentenorganisatie;

c) de totstandbrenging van de nodige administratieve samenwerking met de andere lidstaten waar de leden hun locatie hebben, voor wat betreft de naleving van de erkenningsvoorwaarden en het systeem van controles en administratieve sancties. Die andere lidstaten verlenen tijdig de nodige bijstand aan de lidstaat waar de hoofdzetel is gevestigd, en

d) de verstrekking, op verzoek van een lidstaat waar de leden hun locatie hebben, van alle beschikbare relevante documentatie, waaronder de toepasselijke wetgeving, vertaald in de officiële taal of één van de officiële talen van die lidstaat.

Vorige artikelen

Volgende artikelen