Art. 4 Verordening (EU) 2016/1719, Vaststelling van voorwaarden of methodologieën
1. De TSB's ontwikkelen de overeenkomstig deze verordening vereiste voorwaarden of methodologieën en dienen die binnen de bij deze verordening vastgestelde respectievelijke termijnen ter goedkeuring in bij de bevoegde regulerende instanties. Wanneer een voorstel voor de voorwaarden of methodologieën overeenkomstig deze verordening door meer dan één TSB moet worden ontwikkeld en goedgekeurd, werken de desbetreffende TSB's nauw samen. Met de assistentie van het ENTSB voor elektriciteit stellen de TSB's de bevoegde regulerende instanties en het Agentschap op gezette tijden in kennis van de voortgang bij de ontwikkeling van deze voorwaarden of methodologieën.
2. Indien de TSB's die beslissen over voorstellen voor voorwaarden of methodologieën overeenkomstig artikel 4, lid 6, onderling geen overeenstemming kunnen bereiken, nemen zij een besluit met gekwalificeerde meerderheid van stemmen. Een gekwalificeerde meerderheid voor voorstellen overeenkomstig artikel 4, lid 6, vergt een meerderheid van:
a) TSB's die minimaal 55 % van de lidstaten vertegenwoordigen, en
b) TSB's die lidstaten vertegenwoordigen die ten minste 65 % van de bevolking van de Unie vertegenwoordigen.
Een blokkeringsminderheid voor voorstellen overeenkomstig artikel 4, lid 6, moet TSB's omvatten die minimaal vier lidstaten vertegenwoordigen; als er geen blokkeringsminderheid is, wordt de gekwalificeerde meerderheid geacht te zijn bereikt.
Voor TSB-besluiten overeenkomstig artikel 4, lid 6, beschikt elke lidstaat over één stem. Als er op het grondgebied van een lidstaat meer dan één TSB is, verdeelt die lidstaat de stembevoegdheden over de TSB's.
3. TSB's die beslissen over voorstellen voor voorwaarden of methodologieën nemen een besluit overeenkomstig artikel 4, lid 7, met gekwalificeerde meerderheid van stemmen indien zij onderling geen consensus kunnen bereiken en wanneer de betrokken regio's zijn samengesteld uit meer dan vijf lidstaten. Een gekwalificeerde meerderheid voor voorstellen overeenkomstig artikel 4, lid 7, vergt een meerderheid van:
a) TSB's die ten minste 72 % van de betrokken lidstaten vertegenwoordigen, en
b) TSB's die lidstaten vertegenwoordigen die ten minste 65 % van de bevolking van de betrokken regio vertegenwoordigen.
Een blokkeringsminderheid voor besluiten overeenkomstig artikel 4, lid 7, moet ten minste het minimumaantal TSB's omvatten dat meer dan 35 % van de bevolking van de deelnemende lidstaten vertegenwoordigt, plus TSB's die ten minste één extra betrokken lidstaat vertegenwoordigen; als er geen blokkeringsminderheid is, wordt de gekwalificeerde meerderheid geacht te zijn bereikt.
TSB's die beslissen over voorstellen voor voorwaarden of methodologieën overeenkomstig artikel 4, lid 7, met betrekking tot regio's die zijn samengesteld uit maximaal vijf lidstaten, stellen hun besluiten vast op basis van consensus.
Voor TSB-besluiten overeenkomstig artikel 4, lid 7, beschikt elke lidstaat over één stem. Als er op het grondgebied van een lidstaat meer dan één TSB is, verdeelt die lidstaat de stembevoegdheden over de TSB's.
4. Indien de TSB's hebben nagelaten om binnen de bij deze verordening vastgestelde termijnen een voorstel voor voorwaarden of methodologieën in te dienen bij de nationale regulerende instanties, zenden zij de bevoegde regulerende instanties en het Agentschap de relevante ontwerpen van de voorwaarden of methodologieën toe en verduidelijken zij waarom er geen overeenstemming is bereikt. Het Agentschap stelt de Commissie in kennis van deze informatie en voert, in samenwerking met de bevoegde regulerende instanties en op verzoek van de Commissie, een onderzoek uit naar de redenen voor dit gebrek aan overeenstemming en stelt de Commissie op de hoogte van de resultaten daarvan. De Commissie neemt passende maatregelen om de vaststelling van de vereiste voorwaarden of methodologieën mogelijk te maken binnen een termijn van vier maanden na ontvangst van de informatie van het Agentschap.
5. Elke regulerende instantie is verantwoordelijk voor goedkeuring van de in de leden 6 en 7 bedoelde voorwaarden of methodologieën.
6. De voorstellen voor de volgende voorwaarden of methodologieën worden ter goedkeuring voorgelegd aan alle regulerende instanties:
a) de methodologie voor het verstrekken van gegevens betreffende opwekking en basislast overeenkomstig artikel 17;
b) de methodologie voor het gemeenschappelijk netwerkmodel overeenkomstig artikel 18;
c) de eisen betreffende het centrale toewijzingsplatform overeenkomstig artikel 49;
d) de geharmoniseerde toewijzingsregels overeenkomstig artikel 51;
e) de methodologie voor het verdelen van de congestie-inkomsten overeenkomstig artikel 57.
f) de methodologie voor het delen van de kosten van het opzetten, ontwikkelen en exploiteren van het centrale toewijzingsplatform overeenkomstig 59;
g) de methodologie voor het delen van kosten die zijn gemaakt in het kader van het waarborgen van de vastheid van en vergoedingen inzake langetermijnrechten betreffende transmissie overeenkomstig artikel 61.
7. De voorstellen voor de volgende voorwaarden of methodologieën worden ter goedkeuring voorgelegd aan alle regulerende instanties van de betrokken regio:
a) de methodologie voor de capaciteitsberekening overeenkomstig artikel 10;
b) de methodologie voor het opsplitsen van zoneoverschrijdende capaciteit overeenkomstig artikel 16;
c) het regionale ontwerp inzake langetermijnrechten betreffende transmissie overeenkomstig artikel 31;
d) de vaststelling van reserveprocedures overeenkomstig artikel 42;
e) de regionale eisen betreffende de geharmoniseerde toewijzingsregels overeenkomstig artikel 52, met inbegrip van de regionale compensatieregels overeenkomstig artikel 55.
8. Het voorstel voor de voorwaarden of methodologieën omvat een voorgesteld tijdschema voor hun tenuitvoerlegging en een beschrijving van hun verwacht effect op de doelstellingen van deze verordening. Voorstellen betreffende voorwaarden of methodologieën die ter goedkeuring aan verschillende of aan alle regulerende instanties moeten worden voorgelegd, worden bij het Agentschap ingediend op hetzelfde tijdstip als dat van indiening bij de regulerende instanties. Op verzoek van de bevoegde regulerende instanties brengt het Agentschap binnen een termijn van drie maanden advies uit over de voorstellen voor voorwaarden of methodologieën.
9. Wanneer de vaststelling van de voorwaarden of methodologieën een besluit van meer dan één regulerende instantie vergt, raadplegen de bevoegde regulerende instanties elkaar en werken zij in nauw overleg samen met het oog op het bereiken van overeenstemming. Indien van toepassing houden de bevoegde regulerende instanties rekening met het advies van het Agentschap. De regulerende instanties nemen besluiten betreffende de ingediende voorwaarden of methodologieën overeenkomstig de leden 6 en 7 binnen een termijn van zes maanden na de ontvangst van de voorwaarden of methodologieën door de regulerende instantie of, indien van toepassing, door de laatste betrokken regulerende instantie.
10. Wanneer de regulerende instanties niet binnen de in lid 9 bedoelde termijn tot overeenstemming zijn gekomen, of op hun gezamenlijk verzoek, stelt het Agentschap binnen een termijn van zes maanden een besluit vast betreffende de ingediende voorstellen voor voorwaarden of methodologieën, overeenkomstig artikel 8, lid 1, van Verordening (EG) nr. 713/2009.
11. Wanneer één of meer regulerende instanties een wijzigingsverzoek indienen teneinde de overeenkomstig de leden 6 en 7 ingediende voorwaarden of methodologieën te kunnen goedkeuren, dienen de desbetreffende TSB's ter goedkeuring een voorstel voor gewijzigde voorwaarden of methodologieën in binnen twee maanden na ontvangst van het wijzigingsverzoek van de regulerende instantie(s). De bevoegde regulerende instanties nemen een besluit over de gewijzigde voorwaarden of methodologieën binnen een termijn van twee maanden na de indiening ervan. Wanneer de bevoegde regulerende instanties binnen die termijn van twee maanden geen overeenstemming hebben kunnen bereiken over de gewijzigde voorwaarden of methodologieën overeenkomstig de leden 6 en 7, of op hun gezamenlijk verzoek, stelt het Agentschap binnen een termijn van zes maanden een besluit vast betreffende de gewijzigde voorwaarden of methodologieën, overeenkomstig artikel 8, lid 1, van Verordening (EG) nr. 713/2009. Indien de desbetreffende TSB's er niet in slagen om een voorstel voor gewijzigde voorwaarden of methodologieën in te dienen, geldt de procedure van lid 4.
12. De TSB's die verantwoordelijk zijn voor de ontwikkeling van een voorstel voor voorwaarden of methodologieën, of de regulerende instanties die verantwoordelijk zijn voor de vaststelling daarvan overeenkomstig de leden 6 en 7, kunnen verzoeken deze voorwaarden of methodologieën te wijzigen.
De voorstellen voor wijziging van de voorwaarden of methodologieën worden overeenkomstig de procedure van artikel 6 ter raadpleging voorgelegd en worden goedgekeurd overeenkomstig de in dat artikel uiteengezette procedure.
13. De TSB's die verantwoordelijk zijn voor de vaststelling van de voorwaarden of methodologieën overeenkomstig deze verordening, maken die bekend op het internet na de goedkeuring door de bevoegde regulerende instanties of, wanneer een dergelijke goedkeuring niet vereist is, na de vaststelling ervan, behalve wanneer dergelijke informatie overeenkomstig artikel 7 als vertrouwelijk wordt beschouwd.