Art. 33 Fokkerijverordening, Afwijkingen van de vereisten betreffende de afgifte, inhoud en vorm van zoötechnische certificaten voor de binnenkomst van fokdieren en levende producten daarvan in de Unie
Verordening (EU) 2016/1012 (Fokkerijverordening)
1. In afwijking van artikel 30, lid 2, onder c), en lid 5, mogen levende producten vergezeld gaan van een zoötechnisch certificaat dat namens het fokorgaan en op basis van de van dat fokorgaan ontvangen informatie is afgegeven door een spermacentrum of sperma-opslagcentrum of door een embryoteam of embryoproductieteam, dat overeenkomstig het diergezondheidsrecht van de Unie is goedgekeurd voor het binnenbrengen van deze levende producten in de Unie.
2. In afwijking van artikel 30, lid 6, onder b), hoeven de in artikel 30, lid 6, onder b), bedoelde modellen niet te worden gebruikt, mits:
a) de in de betrokken delen en hoofdstukken van bijlage V beschreven informatie vervat ligt in andere documenten die het fokdier of de levende producten daarvan vergezellen;
b) het fokorgaan dat het fokprogramma uitvoert of een andere operator als bedoeld in lid 1 een exhaustieve lijst van die documenten verstrekken, verklaren dat de in de betrokken delen en hoofdstukken van bijlage V beschreven informatie in die documenten vervat ligt, en de inhoud van die documenten certificeert.
3. Indien de resultaten van het prestatieonderzoek of de genetische evaluatie op een website beschikbaar zijn voor het publiek, mogen fokorganen of de andere operatoren als bedoeld in lid 1 van dit artikel, in afwijking van artikel 30, lid 7, onder a) en b), en artikel 30, lid 8, onder a) en b), in het zoötechnische certificaat of in de andere documenten als bedoeld in lid 2, onder a), van dit artikel verwijzen naar de website waar die resultaten kunnen worden geraadpleegd.