Art. 6 Verordening (EU) 2016/794, Verzoek van Europol om instelling van een strafrechtelijk onderzoek

Verordening (EU) 2016/794

1. In specifieke gevallen, waarin Europol oordeelt dat een strafrechtelijk onderzoek moet worden ingesteld naar feiten die binnen zijn bevoegdheid vallen, verzoekt het de bevoegde autoriteiten van de betrokken lidstaten, via de nationale eenheden, om een strafrechtelijk onderzoek in te stellen, te voeren of te coördineren.

2. De nationale eenheden brengen Europol onverwijld op de hoogte van het besluit van de bevoegde autoriteiten van de lidstaten met betrekking tot een verzoek op grond van lid 1.

3. Indien de bevoegde autoriteiten van een lidstaat besluiten een door Europol op grond van lid 1 ingediend verzoek af te wijzen, stellen zij Europol onverwijld en bij voorkeur binnen één maand na ontvangst van het verzoek in kennis van de redenen voor hun besluit. De redenen kunnen echter onvermeld blijven indien mededeling daarvan:

a) strijdig is met de wezenlijke veiligheidsbelangen van de betrokken lidstaat; of

b) het welslagen van een lopende onderzoek of de veiligheid van personen in gevaar zou brengen.

4. Europol brengt Eurojust onmiddellijk op de hoogte van het verzoek op grond van lid 1 en van het besluit van een bevoegde autoriteit van een lidstaat op grond van lid 2.

Vorige artikelen

Volgende artikelen