Art. 62 Verordening (EU) 2016/631, Door de eigenaar van een elektriciteitsproductie-installatie ingediend afwijkingsverzoek
1. Eigenaren of toekomstige eigenaren van elektriciteitsproductie-installaties kunnen een afwijkingsverzoek indienen voor één of meerdere eisen van deze verordening voor elektriciteitsproductie-eenheden binnen hun installaties.
2. Een afwijkingsverzoek wordt ingediend bij de relevante systeembeheerder en omvat:
a) de identificatie van de eigenaar of toekomstige eigenaar van de elektriciteitsproductie-installatie, en een contactpersoon voor alle communicatie;
b) een beschrijving van de elektriciteitsproductie-eenheid of -modules waarvoor een afwijking wordt aangevraagd;
c) een verwijzing naar de bepalingen van deze verordening waarvoor een afwijking wordt aangevraagd en een gedetailleerde beschrijving van de aangevraagde afwijking;
d) een gedetailleerde onderbouwing, met de relevante ondersteunende documenten en een kosten-batenanalyse overeenkomstig de eisen van artikel 39;
e) een bewijs dat de aangevraagde afwijking geen negatief effect heeft op de grensoverschrijdende handel.
3. Binnen een termijn van twee weken na ontvangst van het afwijkingsverzoek bevestigt de relevante systeembeheerder aan de eigenaar of toekomstige eigenaar van de elektriciteitsproductie-installatie dat het verzoek al dan niet compleet is. Wanneer de relevante systeembeheerder van mening is dat het verzoek niet compleet is, dient de eigenaar of toekomstige eigenaar van de elektriciteitsproductie-installatie de benodigde aanvullende informatie in binnen een termijn van één maand na ontvangst van het verzoek om aanvullende informatie. Indien de eigenaar of toekomstige eigenaar van de elektriciteitsproductie-installatie de opgevraagde informatie niet binnen die termijn levert, wordt het afwijkingsverzoek als ingetrokken beschouwd.
4. De relevante systeembeheerder beoordeelt het afwijkingsverzoek en de verstrekte kosten-batenanalyse in overleg met de relevante TSB en alle betrokken naburige DSB's, en houdt daarbij rekening met door de regulerende instantie overeenkomstig artikel 61 vastgestelde criteria.
5. Wanneer het afwijkingsverzoek betrekking heeft op een elektriciteitsproductie-eenheid van het type C of D, aangesloten op een distributiesysteem, met inbegrip van gesloten distributiesystemen, gaat de beoordeling van de relevante systeembeheerder vergezeld van een beoordeling van het afwijkingsverzoek door de relevante TSB. De relevante TSB verstrekt zijn beoordeling binnen een tijdsbestek van twee maanden nadat hij daartoe door de relevante systeembeheerder is verzocht.
6. Binnen een termijn van zes maanden na ontvangst van het afwijkingsverzoek stuurt de relevante systeembeheerder dit verzoek door naar de regulerende instantie, samen met de overeenkomstig de leden 4 en 5 opgestelde beoordeling(en). Die termijn kan met één maand worden verlengd wanneer de relevante systeembeheerder aanvullende informatie bij de eigenaar of toekomstige eigenaar van de elektriciteitsproductie-installatie heeft opgevraagd, en met twee maanden wanneer de relevante systeembeheerder de relevante TSB heeft verzocht een beoordeling op te stellen van het afwijkingsverzoek.
7. De regulerende instantie stelt een besluit betreffende elk afwijkingsverzoek binnen een termijn van zes maanden na de dag waarop zij het desbetreffende verzoek heeft ontvangen vast. Deze termijn kan vóór de vervaldag met drie maanden worden verlengd wanneer de regulerende instantie aanvullende informatie van de eigenaar of toekomstige eigenaar van de elektriciteitsproductie-installatie of van enige andere belanghebbende verlangt. De aanvullende termijn begint wanneer de complete informatie is ontvangen.
8. De eigenaar of toekomstige eigenaar van de elektriciteitsproductie-installatie verstrekt alle door de regulerende instantie opgevraagde aanvullende informatie binnen een termijn van twee maanden na het desbetreffende verzoek. Wanneer de eigenaar of toekomstige eigenaar van de elektriciteitsproductie-installatie de opgevraagde informatie niet binnen die termijn verstrekt, wordt het afwijkingsverzoek geacht te zijn ingetrokken, behalve indien vóór de vervaldag:
a) de regulerende instantie besluit een verlenging van de termijn te verlenen, of
b) de eigenaar of toekomstige eigenaar van de elektriciteitsproductie-installatie de regulerende instantie er door middel van een met redenen omkleed schrijven van op de hoogte stelt dat het afwijkingsverzoek compleet is.
9. De regulerende instantie neemt een met redenen omkleed besluit betreffende het afwijkingsverzoek. Wanneer de regulerende instantie de afwijking toestaat, specificeert zij de duur daarvan.
10. De regulerende instantie stelt de relevante eigenaar of toekomstige eigenaar van de elektriciteitsproductie-installatie, de relevante systeembeheerder en de relevante TSB in kennis van haar besluit.
11. Een regulerende instantie kan haar besluit om een afwijking toe te staan, intrekken wanneer de omstandigheden en onderliggende redenen niet langer van toepassing zijn, dan wel op grond van een met redenen omklede aanbeveling van het Agentschap overeenkomstig artikel 65, lid 2, van deze verordening.
12. Voor elektriciteitsproductie-eenheden van het type A kan een afwijkingsverzoek overeenkomstig dit artikel namens de eigenaar of toekomstige eigenaar van de elektriciteitsproductie-installatie door een derde partij worden opgesteld. Een dergelijk verzoek kan betrekking hebben op één elektriciteitsproductie-eenheid, dan wel op meerdere identieke elektriciteitsproductie-eenheden. In het laatste geval, en op voorwaarde dat de geaggregeerde maximumcapaciteit is gespecificeerd, kan de derde partij de in lid 2, onder a), bedoelde gegevens vervangen door haar eigen gegevens.