Art. 308 Uitvoeringsverordening (EU) 2015/2447, Controles en afgifte van alternatief bewijs
Uitvoeringsverordening (EU) 2015/2447
1. Wanneer de regeling Uniedouanevervoer is beëindigd, voert het douanekantoor van bestemming douanecontroles uit op basis van de gegevens van het Uniedouanevervoer die het van het douanekantoor van vertrek heeft ontvangen.
2. Wanneer de regeling Uniedouanevervoer is beëindigd, er door het douanekantoor van bestemming geen onregelmatigheid is geconstateerd en de houder van de regeling het begeleidingsdocument douanevervoer of het begeleidingsdocument douanevervoer/veiligheid overlegt, viseert dit douanekantoor dat document op verzoek van de houder van de regeling als alternatief bewijs in overeenstemming met artikel 305. De visering bestaat uit een stempel van dat douanekantoor, de handtekening van de ambtenaar, de datum en de volgende vermelding:
„Alternatief bewijs — 99202”.