Art. 267 Uitvoeringsverordening (EU) 2015/2447, Verkeer van goederen onder een bijzondere regeling
Uitvoeringsverordening (EU) 2015/2447
1. De overbrenging van goederen naar het douanekantoor van uitgang met het oog op de aanzuivering van de bijzondere regeling, met uitzondering van de regeling bijzondere bestemming en passieve veredeling, door de goederen buiten het douanegebied van de Unie te brengen, wordt verricht onder dekking van de aangifte tot wederuitvoer.
2. Wanneer de goederen onder de regeling passieve veredeling van het douanekantoor van plaatsing naar het douanekantoor van uitgang worden overgebracht, worden de goederen onderworpen aan de bepalingen die van toepassing zouden zijn geweest als de goederen onder de regeling uitvoer waren geplaatst.
3. Wanneer de goederen onder de regeling bijzondere bestemming naar het douanekantoor van uitgang worden overgebracht, worden de goederen onderworpen aan de bepalingen die van toepassing zouden zijn geweest als de goederen onder de regeling uitvoer waren geplaatst.
4. Voor iedere overbrenging die niet onder de leden 1, 2 en 3, valt zijn geen andere douaneformaliteiten vereist dan het voeren van een administratie zoals bedoeld in artikel 214 van het wetboek.
5. Wanneer de overbrenging van goederen in overeenstemming met de leden 1 of 3 plaatsvindt, blijven de goederen onder de bijzondere regeling totdat zij het douanegebied van de Unie hebben verlaten.