Art. 191 Gedelegeerde Verordening (EU) 2015/2446, Algemene bepalingen betreffende vergunningen voor vereenvoudigingen

Gedelegeerde Verordening (EU) 2015/2446

1. Vergunningen zoals bedoeld in artikel 233, lid 4, van het wetboek worden verleend aan aanvragers die aan de volgende voorwaarden voldoen:

a) de aanvrager is gevestigd in het douanegebied van de Unie;

b) de aanvrager verklaart dat hij regelmatig gebruik zal maken van de regeling Uniedouanevervoer;

c) de aanvrager voldoet aan de in artikel 39, onder a), b) en d), van het wetboek vastgestelde criteria.

2. De vergunningen worden slechts verleend op voorwaarde dat de douaneautoriteit van oordeel is dat zij in staat zal zijn om toezicht te houden op de regeling Uniedouanevervoer en controles te verrichten zonder dat zij daarvoor administratieve maatregelen moet nemen die niet in verhouding staan tot de behoeften van de betrokkene.