Art. 272 Gedelegeerde Verordening (EU) 2015/35, Actuariële functie
Gedelegeerde Verordening (EU) 2015/35
1. Met betrekking tot de coördinatie van de berekening van de technische voorzieningen omvat de actuariële functie alle volgende taken:
(a) zij past methoden en procedures toe om de toereikendheid van technische voorzieningen te beoordelen en te waarborgen dat de berekening ervan in overeenstemming is met de vereisten van de artikelen 75 tot en met 86 van Richtlijn 2009/138/EG;
(b) zij beoordeelt de onzekerheid waarmee de schattingen zijn omgeven die bij de berekening van technische voorzieningen zijn gemaakt;
(c) zij zorgt ervoor dat beperkingen met betrekking tot de gegevens die voor de berekening van technische voorzieningen worden gebruikt, naar behoren worden aangepakt;
(d) zij zorgt ervoor dat in de in artikel 82 van Richtlijn 2009/138/EG bedoelde gevallen de meest geschikte benaderingen voor de berekening van de beste schatting worden gehanteerd;
(e) zij zorgt ervoor dat homogene risicogroepen van verzekerings- en herverzekeringsverplichtingen worden onderkend met het oog op een adequate beoordeling van de onderliggende risico's;
(f) zij bestudeert de dienstige informatie afkomstig van financiële markten en van algemeen beschikbare gegevens over verzekeringstechnische risico's en zorgt ervoor dat deze bij de beoordeling van technische voorzieningen wordt meegenomen;
(g) zij vergelijkt de materiële verschillen in de berekening van technische voorzieningen van het ene jaar tot het andere en motiveert deze verschillen;
(h) zij zorgt ervoor dat een deugdelijke evaluatie wordt verstrekt van de opties en garanties die in verzekerings- en herverzekeringsovereenkomsten zijn opgenomen.
2. De actuariële functie beoordeelt of de bij de berekening van de technische voorzieningen gehanteerde methodieken en aannamen passend zijn voor de specifieke branches van de onderneming en voor de wijze waarop het bedrijf wordt beheerd, rekening houdend met de beschikbare gegevens.
3. De actuariële functie beoordeelt of de bij de berekening van technische voorzieningen gebruikte IT-systemen de actuariële en statistische procedures voldoende ondersteunen.
4. Bij de toetsing van de beste schattingen aan de praktijkervaring evalueert de actuariële functie de kwaliteit van de beste schattingen uit het verleden en maakt zij gebruik van de bij deze evaluatie verworven inzichten om de kwaliteit van de actuele berekeningen te verbeteren. Bij de toetsing van de beste schattingen aan de praktijkervaring worden onder meer vergelijkingen gemaakt tussen de waargenomen waarden en de ramingen die aan de berekening van de beste schatting ten grondslag liggen, met de bedoeling conclusies te trekken ten aanzien van de adequaatheid, juistheid en volledigheid van de gehanteerde gegevens en aannamen, alsook ten aanzien van de methodieken die bij de berekening ervan zijn gebruikt.
5. De aan het bestuurlijk, beleidsbepalend of toezichthoudend orgaan medegedeelde informatie over de berekening van de technische voorzieningen bevat ten minste een beredeneerde analyse van de betrouwbaarheid en adequaatheid van de berekening ervan, alsook van de bronnen en van de mate van onzekerheid van de schatting van de technische voorzieningen. De beredeneerde analyse wordt onderbouwd door een gevoeligheidsanalyse, waarin onder meer de gevoeligheid wordt onderzocht van de technische voorzieningen voor elk van de grote risico's die verbonden zijn aan de verplichtingen die door de technische voorzieningen worden gedekt. De actuariële functie vermeldt en verklaart op heldere wijze al haar eventuele punten van zorg ten aanzien van de adequaatheid van technische voorzieningen.
6. Het overeenkomstig artikel 48, lid 1, onder g), van Richtlijn 2009/138/EG door de actuariële functie uit te brengen advies over de gedragslijn voor het aangaan van verzekeringstechnische verplichtingen bevat ten minste conclusies ten aanzien van de volgende aandachtspunten:
(a) toereikendheid van de te verdienen premies voor de dekking van toekomstige schaden en kosten, met name rekening houdend met de onderliggende risico's (met inbegrip van verzekeringstechnische risico's), en het effect van de in verzekerings- en herverzekeringsovereenkomsten opgenomen opties en garanties op de toereikendheid van de premies;
(b) het effect van inflatie, juridisch risico, verandering in de samenstelling van de portefeuille van de onderneming, en van bij specifieke homogene risicogroepen toegepaste systemen die de door verzekeringnemers betaalde premies opwaarts of neerwaarts aanpassen naar gelang van hun schadeverleden (bonus-malussystemen), dan wel daarmee vergelijkbare systemen;
(c) de progressieve tendens van een portefeuille verzekeringsovereenkomsten om verzekerden met een hoger risicoprofiel aan te trekken of te behouden (antiselectie).
7. Het overeenkomstig artikel 48, lid 1, onder h), van Richtlijn 2009/138/EG door de actuariële functie uit te brengen advies over de algemene herverzekeringsregelingen bevat een analyse van de adequaatheid van:
(a) het risicoprofiel van de onderneming en de door de onderneming gevolgde gedragslijn voor het aangaan van verzekeringstechnische verplichtingen;
(b) de herverzekeraars, waarbij rekening wordt gehouden met hun kredietwaardigheid;
(c) de verwachte dekking bij stressscenario's met betrekking tot de gevolgde gedragslijn voor het aangaan van verzekeringstechnische verplichtingen;
(d) de berekening van de bedragen die op herverzekeringsovereenkomsten en special purpose vehicles kunnen worden verhaald.
8. De actuariële functie stelt ten minste jaarlijks een schriftelijk verslag op dat bij het bestuurlijk, beleidsbepalend of toezichthoudend orgaan wordt ingediend. In het verslag worden alle door de actuariële functie vervulde taken en de resultaten daarvan gedocumenteerd en worden duidelijk alle eventuele tekortkomingen aangegeven, alsook aanbevelingen gedaan met betrekking tot de wijze waarop deze tekortkomingen zouden moeten worden verholpen.