Art. 6 Richtlijn (EU) 2015/849

Richtlijn (EU) 2015/849

1. De Commissie verricht een beoordeling van het witwasrisico en het risico van terrorismefinanciering voor zover die risico's van invloed zijn op de interne markt en verband houden met grensoverschrijdende activiteiten.

De Commissie stelt uiterlijk op 26 juni 2017 een verslag op waarin die risico's worden geïdentificeerd, geanalyseerd en beoordeeld. Vervolgens actualiseert zij haar verslag om de twee jaar en indien nodig vaker.

2. Het in lid 1 bedoelde verslag heeft ten minste betrekking op de volgende elementen:

a) de onderdelen van de interne markt met de grootste risico-blootstelling;

b) de risico's per relevante sector;

c) de middelen die door criminelen het meest voor het witwassen van illegale opbrengsten worden gebruikt.

3. De Commissie stelt het in lid 1 bedoelde verslag beschikbaar aan de lidstaten en de meldingsplichtige entiteiten als hulpmiddel bij het identificeren, inzichtelijk maken, beheren en beperken van het witwasrisico en het risico van terrorismefinanciering, alsmede om andere belanghebbenden, waaronder nationale wetgevers, het Europees Parlement, de ESA's en de vertegenwoordigers van de FIE's een beter inzicht in de risico's te geven.

4. De Commissie doet de lidstaten aanbevelingen betreffende de maatregelen die geschikt zijn om de geïdentificeerde risico's aan te pakken. Indien een lidstaat besluit een van de aanbevelingen niet toe te passen in zijn nationale AML/CFT-regelgeving, stelt hij de Commissie daarvan in kennis en motiveert hij dat besluit.

5. Uiterlijk op 26 december 2016 verstrekken de ESA's via het gemengd comité een advies over het witwasrisico en het risico van terrorismefinanciering die van invloed zijn op de financiële sector van de Unie („het gezamenlijk advies”). Vervolgens verstrekken de ESA's via het gemengd comité een advies om de twee jaar.

6. Bij het uitvoeren van in lid 1 bedoelde beoordeling, organiseert de Commissie de werkzaamheden op het niveau van de Unie, houdt zij rekening met de gezamenlijke adviezen bedoeld in lid 5, en zij betrekt de deskundigen van de lidstaten op het gebied van AML/CFT, de vertegenwoordigers van de FIE's en in voorkomend geval andere organen op het niveau van de Unie in die werkzaamheden. De Commissie stelt de gezamenlijke adviezen beschikbaar aan de lidstaten en de meldingsplichtige entiteiten om hen bij te staan bij het identificeren, beheren en beperken van het witwasrisico en het risico van terrorismefinanciering.

7. De Commissie brengt om de twee jaar en indien gepast vaker verslag uit aan het Europees Parlement en de Raad over de bevindingen uit de op gezette tijden uitgevoerde risicobeoordelingen en de op basis daarvan genomen maatregelen.

Vorige artikelen

Volgende artikelen