Art. 60 Uitvoeringsverordening (EU) nr. 809/2014, Leader

Uitvoeringsverordening (EU) nr. 809/2014

1. De lidstaten leggen een passend systeem van toezicht op de plaatselijke groepen ten uitvoer.

2. Voor de op grond van artikel 35, lid 1, onder b) en c), van Verordening (EU) nr. 1303/2013 gedane uitgaven kunnen de lidstaten de in artikel 48 van de onderhavige verordening bedoelde administratieve controles bij formeel besluit delegeren aan plaatselijke groepen. De lidstaten blijven er echter verantwoordelijk voor dat wordt geverifieerd of deze plaatselijke groepen beschikken over de voor dat werk benodigde administratieve en controlecapaciteit.

In geval van de in de eerste alinea bedoelde delegatie voeren de bevoegde autoriteiten regelmatige controles van de plaatselijke groepen uit, met inbegrip van boekhoudkundige controles en het steekproefsgewijs nogmaals uitvoeren van administratieve controles.

Ook verrichten de bevoegde autoriteiten de in artikel 49 van deze verordening bedoelde controles ter plaatse. Ten aanzien van de steekproef voor controles voor uitgaven in verband met Leader geldt ten minste het in artikel 50 van deze verordening bedoelde percentage.

3. Voor de op grond van artikel 35, lid 1, onder a), d) en e), van Verordening (EU) nr. 1303/2013 en artikel 35, lid 1, onder b) en c), van die verordening gedane uitgaven worden, wanneer de plaatselijke groep zelf de begunstigde van de bijstand is, de administratieve controles verricht door personen die onafhankelijk zijn van de betrokken plaatselijke groep.

Vorige artikelen

Volgende artikelen