Art. 55 Verordening (EU) nr. 806/2014, Besluitvormingsproces
1. Indien bij de beraadslaging over een individuele entiteit of een groep entiteiten die slechts in één deelnemende lidstaat is gevestigd, niet alle in artikel 53, leden 1 en 3, bedoelde leden binnen een door de voorzitter gestelde termijn bij consensus tot overeenstemming kunnen komen, nemen de voorzitter en de in artikel 43, lid 1, punt b), bedoelde leden een besluit bij gewone meerderheid.
2. Indien bij de beraadslaging over een grensoverschrijdende groep niet alle in artikel 53, leden 1 en 4, bedoelde leden binnen een door de voorzitter gestelde termijn bij consensus tot overeenstemming kunnen komen, nemen de voorzitter en de in artikel 43, lid 1, punt b), bedoelde leden een besluit bij gewone meerderheid.
3. Bij staking van stemmen is de stem van de voorzitter doorslaggevend.