Art. 36 Verordening (EU) nr. 600/2014, Niet-discriminerende toegang tot een handelsplatform
1. Onverminderd artikel 8 van Verordening (EU) nr. 648/2012 biedt een handelsplatform op niet-discriminerende en transparante basis transactiestromen (trade feeds) aan, onder meer met betrekking tot toegangsvergoedingen, op verzoek van elke op grond van Verordening (EU) nr. 648/2012 vergunninghoudende of erkende CTP die transacties in financiële instrumenten die op dat handelsplatform zijn gesloten, wil clearen. Dit vereiste geldt niet voor een derivatencontract dat al onder de toegangsverplichtingen op grond van artikel 8 van Verordening (EU) nr. 648/2012 valt.
Een handelsplatform is niet door dit artikel gebonden indien het nauwe banden heeft met een CTP die kennisgeving heeft gedaan dat ze gebruik maakt van de overgangsregelingen van artikel 35, lid 5.
2. Een verzoek om toegang tot een handelsplatform wordt door de betreffende CTP formeel ingediend bij een handelsplatform, de voor het handelsplatform bevoegde autoriteit en de voor de CTP bevoegde autoriteit.
3. Het handelsplatform stuurt de CTP binnen drie maanden, in het geval van effecten en geldmarktinstrumenten, en binnen zes maanden, in het geval van op de beurs verhandelde derivaten, een schriftelijke reactie waarin toegang wordt toegestaan, op voorwaarde dat de betrokken bevoegde autoriteit de toegang heeft verleend krachtens lid 4, of waarin toegang wordt geweigerd. Het handelsplatform mag een verzoek tot toegang alleen weigeren op grond van de voorwaarden die zijn beschreven in lid 6, onder a). Indien de toegang wordt geweigerd, geeft het handelsplatform hiervoor in zijn antwoord alle redenen op en brengt het zijn bevoegde autoriteit schriftelijk van het besluit op de hoogte. Indien de CTP en het handelsplatform in verschillende lidstaten zijn gevestigd, stuurt het handelsplatform de kennisgeving en motivering ook naar de bevoegde autoriteit van de CTP. Het handelsplatform moet binnen drie maanden na het verzenden van een positieve reactie op een verzoek tot toegang de toegang mogelijk maken.
4. De bevoegde autoriteit van het handelsplatform of die van de CTP verleent een CTP alleen toegang tot een handelsplatform indien die toegang:
a) geen interoperabiliteitsregeling zou vereisen in het geval van andere derivaten dan otc-derivaten als omschreven in artikel 2, punt 7), van Verordening (EU) nr. 648/2012; of
b) geen bedreiging voor de soepele en ordelijke werking van de markten zou vormen, met name door liquiditeitsfragmentatie en het handelsplatform adequate mechanismen heeft ingevoerd om liquiditeitsfragmentatie te voorkomen, of geen negatieve gevolgen zou hebben in termen van systeemrisico.
Niets in de eerste alinea, onder a), belet dat toegang wordt verleend indien het verzoek bedoeld in lid 1 interoperabiliteit vereist, en het handelsplatform en alle CTP’s die partij zijn bij de voorgestelde interoperabiliteitsregeling, met die regeling hebben ingestemd, en de risico’s waaraan de CTP die het verzoek ontvangt wordt blootgesteld en die uit posities tussen CTP’s voortkomen, bij een derde partij met zekerheden worden gedekt.
Indien de noodzaak van een interoperabiliteitsregeling geheel of gedeeltelijk de reden voor het weigeren van toegang is, dient het handelsplatform de CTP van advies en deelt het de ESMA mee welke andere CTP’s toegang tot het handelsplatform hebben; de ESMA maakt die informatie openbaar, zodat beleggingsondernemingen ervoor kunnen kiezen hun rechten krachtens artikel 37 van Richtlijn 2014/65/EU ten aanzien van die CTP’s uit te oefenen teneinde alternatieve toegangsregelingen te faciliteren.
Indien een bevoegde autoriteit toegang weigert, deelt zij haar besluit binnen twee maanden na ontvangst van het in lid 2 bedoelde verzoek mee, en stelt zij de andere bevoegde autoriteit, het handelsplatform en de CTP in kennis van haar volledige motivering, inclusief de gegevens waarop het besluit is gebaseerd.
5. Wat op de beurs verhandelde derivaten betreft, kan een handelsplatform dat onder de relevante drempel valt in het kalenderjaar dat aan de toepassing van deze verordening voorafgaat, vóór de toepassing van deze verordening de ESMA en zijn bevoegde autoriteit ervan in kennis stellen dat het gedurende dertig maanden vanaf de toepassing van deze verordening niet door dit artikel gebonden wenst te zijn voor in die drempel begrepen, op de beurs verhandelde, derivaten. Een handelsplatform dat in elk jaar van die, of van een verdere, periode van dertig maanden onder de relevante drempel blijft, kan aan het einde van de periode de ESMA en zijn bevoegde autoriteit ervan in kennis stellen dat het voor een nieuwe periode van dertig maanden niet gebonden wenst te zijn door dit artikel. Indien kennisgeving wordt gedaan, kan het handelsplatform de toegangsrechten op grond van artikel 35 of dit artikel tijdens de duur van de opt-out niet genieten voor in de relevante drempel begrepen, op de beurs verhandelde, derivaten. De ESMA publiceert een lijst van alle kennisgevingen die zij ontvangt.
De relevante drempel voor de opt-out is een jaarlijks verhandeld nominaal bedrag van 1 000 000 miljoen EUR. Het nominale bedrag wordt aan één kant geteld en omvat alle transacties in op de beurs verhandelde derivaten die volgens de regels van het handelsplatform zijn gesloten.
Indien een handelsplatform tot een groep met nauwe onderlinge banden behoort, wordt de drempel berekend door de jaarlijkse verhandelde nominale bedragen van alle in de Unie gevestigde handelsplatforms van de groep als geheel op te tellen.
Indien een handelsplatform dat op grond van dit lid kennisgeving heeft gedaan, nauwe banden heeft met één of meer CTP’s, genieten die CTP’s tijdens de duur van de opt-out de toegangsrechten op grond van artikel 35 of dit artikel niet voor in de relevante drempel begrepen, op de beurs verhandelde, derivaten.
6. De ESMA stelt ontwerpen van technische reguleringsnormen op om de volgende zaken te specificeren:
a) de specifieke voorwaarden waaronder een handelsplatform een verzoek om toegang kan weigeren, met inbegrip van het verwachte transactievolume, het aantal en de soort gebruikers, regelingen voor het beheer van operationeel risico en complexiteit of andere factoren die significante ongewenste risico’s met zich brengen;
b) de omstandigheden waarin toegang moet worden verleend, inclusief de vertrouwelijkheid van de verstrekte informatie met betrekking tot financiële instrumenten gedurende de ontwikkelingsfase en de niet-discriminerende en transparante basis met betrekking tot de vergoedingen voor de toegang;
c) de omstandigheden waarin het verlenen van toegang de soepele en ordelijke werking van de markten zal bedreigen of negatieve gevolgen zou hebben in termen van systeemrisico;
d) de procedure van kennisgeving op grond van lid 5, met inbegrip van verdere specificaties voor de berekening van het notionele bedrag en de wijze waarop de ESMA de berekening van de volumes kan controleren en de opt-out kan goedkeuren.
De ESMA legt die ontwerpen van technische reguleringsnormen uiterlijk op 3 juli 2015 voor aan de Commissie.
Aan de Commissie wordt de bevoegdheid toegekend om de in de eerste alinea bedoelde technische reguleringsnormen overeenkomstig de artikelen 10 tot en met 14 van Verordening (EU) nr. 1095/2010 vast te stellen.