Art. 4 Verordening (EU) nr. 1408/2013, Berekening van het bruto-subsidie-equivalent
Verordening (EU) nr. 1408/2013
1. Deze verordening is alleen van toepassing op steun waarvan het bruto-subsidie-equivalent vooraf precies kan worden berekend zonder dat een risicoanalyse hoeft te worden uitgevoerd (hierna „transparante steun” genoemd).
2. Steun vervat in subsidies of rentesubsidies wordt als transparante de-minimissteun beschouwd.
3. Steun vervat in leningen wordt als transparante de-minimissteun beschouwd indien:
a) tegen de begunstigde geen collectieve insolventieprocedure loopt en hij niet voldoet aan de criteria volgens het nationale recht om, op verzoek van zijn schuldeisers, aan een collectieve insolventieprocedure te worden onderworpen. In geval van grote ondernemingen verkeert de begunstigde in een situatie die vergelijkbaar is met een kredietrating van ten minste B-, en
b) voor de lening zekerheden zijn gesteld van ten minste 50 % van de lening en het een lening betreft van ofwel 75 000 EUR met een looptijd van vijf jaar ofwel 37 500 EUR met een looptijd van tien jaar. Indien een lening wordt toegekend voor een bedrag dat lager ligt dan die bedragen en/of wordt toegekend voor een looptijd van minder dan vijf jaar of tien jaar, wordt het bruto-subsidie-equivalent van die lening berekend als een overeenkomstig deel van het in artikel 3, lid 2, vastgestelde plafond, of
c) het bruto-subsidie-equivalent is berekend op grond van het referentiepercentage dat van toepassing is op het tijdstip van de steunverlening.
4. Steun vervat in kapitaalinjecties wordt alleen als transparante de-minimissteun beschouwd indien het totale door de overheid ingebrachte bedrag het de-minimisplafond niet overschrijdt.
5. Steun vervat in risicofinancieringsmaatregelen in de vorm van investeringen in aandelenkapitaal of hybride kapitaal wordt alleen als transparante de-minimissteun beschouwd indien het aan één onderneming verstrekte kapitaal het de-minimisplafond niet overschrijdt.
6. Steun vervat in garanties wordt als transparante de-minimissteun behandeld indien:
a) tegen de begunstigde geen collectieve insolventieprocedure loopt en hij niet voldoet aan de criteria volgens het nationale recht om, op verzoek van zijn schuldeisers, aan een collectieve insolventieprocedure te worden onderworpen. In geval van grote ondernemingen verkeert de begunstigde in een situatie die vergelijkbaar is met een kredietrating van ten minste B-, en
b) de garantie niet meer dan 80 % van de onderliggende lening bedraagt en ofwel het garantiebedrag 112 500 EUR bedraagt en de garantie een looptijd van vijf jaar heeft, ofwel het garantiebedrag 56 250 EUR bedraagt en de garantie een looptijd van tien jaar heeft. Indien het garantiebedrag lager ligt dan die bedragen en/of de garantie wordt toegekend voor een periode van minder dan vijf of tien jaar, wordt het bruto-subsidie-equivalent van die lening berekend als een overeenkomstig deel van het in artikel 3, lid 2, vastgestelde plafond, of
c) het bruto-subsidie-equivalent wordt berekend op basis van de safe-harbour-premies die in een mededeling van de Commissie zijn vastgesteld, of
d) voordat zij ten uitvoer wordt gelegd,
i) de methode voor het berekenen van het bruto-subsidie-equivalent van de garantie bij de Commissie is aangemeld op grond van een andere op dat tijdstip toepasselijke verordening van de Commissie op het gebied van staatssteun, en door de Commissie is goedgekeurd als in overeenstemming met de garantiemededeling of een mededeling ter vervanging daarvan, en
ii) die methode uitdrukkelijk is toegespitst op het soort garanties en het soort onderliggende transacties die in het kader van de toepassing van deze verordening in het geding zijn.
7. Steun vervat in andere instrumenten wordt als transparante de-minimissteun beschouwd indien het instrument voorziet in een maximum dat garandeert dat het betrokken plafond niet wordt overschreden.