Art. 36 Verordening (EU) nr. 1380/2013, Doelstellingen
Verordening (EU) nr. 1380/2013
1. De naleving van de voorschriften van het gemeenschappelijk visserijbeleid wordt gewaarborgd door een doeltreffend visserijcontrolesysteem van de Unie, onder meer op het gebied van de bestrijding van IOO-visserij.
2. De controle en de handhaving van het gemeenschappelijk visserijbeleid worden in het bijzonder gebaseerd op en omvatten het volgende:
a) een mondiale, geïntegreerde en gemeenschappelijke aanpak;
b) samenwerking en coördinatie tussen de lidstaten, de Commissie en het Bureau;
c) kostenefficiëntie en proportionaliteit;
d) het gebruik van efficiënte controletechnologieën, die de beschikbaarheid en de kwaliteit van de gegevens betreffende de visserij moeten bevorderen;
e) een Uniekader voor controle, inspectie en handhaving;
f) een risicogebaseerde strategie die gericht is op systematische en geautomatiseerde kruiscontroles van alle beschikbare, relevante gegevens;
g) de ontwikkeling van een cultuur van naleving en samenwerking bij alle marktdeelnemers en vissers.
De Unie neemt passende maatregelen met betrekking tot derde landen die niet-duurzame visserij toestaan.
3. De lidstaten stellen passende maatregelen vast, waaronder doeltreffende, evenredige en afschrikkende sancties, om de onder het gemeenschappelijk visserijbeleid vallende activiteiten te controleren, te inspecteren en te handhaven.