Art. 56 Verordening (EU) nr. 1308/2013, Gedelegeerde bevoegdheden
Verordening (EU) nr. 1308/2013
1. Teneinde een doeltreffend en efficiënt gebruik van de financiële middelen van de Unie voor de bijenteelt te bewerkstelligen, is de Commissie bevoegd om overeenkomstig artikel 227 gedelegeerde handelingen vast te stellen met betrekking tot:
a) de voorkoming van dubbele financiering tussen de bijenteeltprogramma's van de lidstaten en de programma's voor plattelandsontwikkeling van de lidstaten;
b) de grondslag voor de toewijzing van de financiële bijdrage van de Unie aan elke deelnemende lidstaat op basis van, onder meer, het totale aantal bijenkasten in de Unie.
2. Teneinde ervoor te zorgen dat de steunregeling van de Unie afgestemd is op de jongste ontwikkelingen en dat de onder de steunregeling vallende maatregelen doeltreffend zijn om de algemene voorwaarden voor de productie en afzet van de producten van de bijenteelt te verbeteren, is de Commissie bevoegd om overeenkomstig artikel 227 gedelegeerde handelingen vast te stellen tot actualisering van de lijst van in artikel 55, lid 4, bedoelde maatregelen die in de bijenteeltprogramma's van de lidstaten kunnen worden opgenomen, door nieuwe maatregelen toe te voegen of bestaande maatregelen aan te passen zonder enige maatregel te schrappen. Die actualisering van de lijst van maatregelen laat de vóór de inwerkingtreding van de gedelegeerde handeling vastgestelde nationale programma's onverlet.