Art. 202 Verordening (EU) nr. 1308/2013, Gedelegeerde bevoegdheden

Verordening (EU) nr. 1308/2013

1. Teneinde ervoor te zorgen dat de uitvoerrestitutieregeling goed functioneert, is de Commissie bevoegd overeenkomstig artikel 227 gedelegeerde handelingen vast te stellen waarbij de eis wordt opgelegd een zekerheid te stellen teneinde te garanderen dat de marktdeelnemers hun verplichtingen nakomen.

2. Om de administratieve lasten voor de marktdeelnemers en de autoriteiten tot een minimum te beperken, is de Commissie bevoegd om overeenkomstig artikel 227 gedelegeerde handelingen vast te stellen waarin de drempels waaronder geen uitvoercertificaat hoeft te worden afgegeven of overgelegd, worden vastgelegd; waarin de bestemmingen of de transacties waarvoor een vrijstelling van de verplichting een uitvoercertificaat over te leggen, gerechtvaardigd is worden bepaald; en waarin, wanneer dat gerechtvaardigd is, achteraf uitvoercertificaten af te geven toegelaten wordt.

3. Teneinde rekening te houden met praktische situaties die een volledige of gedeeltelijke toepassing voor uitvoerrestituties rechtvaardigen, en teneinde de marktdeelnemers te helpen de periode tussen de aanvraag van de uitvoerrestitutie en de uiteindelijke uitbetaling ervan te overbruggen, is de Commissie bevoegd overeenkomstig artikel 227 gedelegeerde handelingen vast te stellen met betrekking tot voorschriften inzake:

a) een andere datum voor de restitutie,

b) voorschotten op de uitvoerrestitutie, met inbegrip van de voorwaarden voor het stellen en het vrijgeven van de zekerheid;

c) aanvullende bewijsstukken waar twijfels bestaan over de werkelijke bestemming van de producten en de mogelijkheid van wederinvoer op het douanegebied van de Unie;

d) de bestemmingen die met uitvoer uit de Unie worden gelijkgesteld en de opname van op het douanegrondgebied van de Unie gelegen bestemmingen die in aanmerking komen voor uitvoerrestituties.

4. Teneinde te garanderen dat exporteurs van in bijlage I bij de Verdragen vermelde producten en van daarmee vervaardigde producten gelijke toegang hebben tot uitvoerrestituties, is de Commissie bevoegd overeenkomstig artikel 227 gedelegeerde handelingen vast te stellen met betrekking tot de toepassing van artikel 199, leden 1 en 2, op de in artikel 196, lid 1, onder b), bedoelde producten.

5. Teneinde ervoor te zorgen dat de producten waarvoor uitvoerrestituties worden betaald, uit het douanegebied van de Unie worden uitgevoerd, te voorkomen dat zij op dat grondgebied terugkeren, en de administratieve lasten voor de marktdeelnemers bij het opstellen en het indienen van bewijsstukken waaruit blijkt dat de producten waarvoor gedifferentieerde restituties worden betaald, een bestemmingsland hebben bereikt, tot een minimum te beperken, is de Commissie bevoegd overeenkomstig artikel 227 gedelegeerde handelingen vast te stellen met betrekking tot voorschriften inzake:

a) de termijn waarbinnen de producten het douanegebied van de Unie moeten hebben verlaten, met inbegrip van de termijn waarin zij er tijdelijk weer mogen zijn ingevoerd,

b) de verwerking die de producten waarvoor uitvoerrestituties worden betaald, tijdens die periode mogen ondergaan,

c) het bewijs dat de producten een bestemming hebben bereikt om in aanmerking te komen voor gedifferentieerde restituties,,

d) de restitutiedrempels en de voorwaarden waaronder de exporteurs van de betrokken bewijslast kunnen worden vrijgesteld

e) de voorwaarden waaronder het door onafhankelijke derde partijen geleverde bewijs waaruit blijkt dat een bestemming is bereikt, mag worden goedgekeurd, wanneer gedifferentieerde restituties van toepassing zijn.

6. Teneinde de naleving van de dierenwelzijnsvoorschriften door de exporteurs te bevorderen en om de bevoegde autoriteiten in staat te stellen na te gaan of de uitbetaling van aan de naleving van dierenwelzijnseisen gekoppelde uitvoerrestituties correct heeft plaatsgevonden, is de Commissie bevoegd overeenkomstig artikel 227 gedelegeerde handelingen vast te stellen met betrekking tot de naleving van dierenwelzijnseisen buiten het douanegrondgebied van de Unie, ook wat het inzetten van onafhankelijke derden betreft.

7. Teneinde rekening te houden met de specifieke kenmerken van de verschillende sectoren is de Commissie bevoegd overeenkomstig artikel 227 gedelegeerde handelingen vast te stellen ter bepaling van specifieke eisen en voorwaarden voor de marktdeelnemers en de producten die voor een uitvoerrestitutie in aanmerking komen, en van de coëfficiënten voor de berekening van de uitvoerrestituties, rekening houdend met het verouderingsproces van bepaalde uit granen gedistilleerde dranken.