Art. 70 Verordening (EU) nr. 1303/2013, Subsidiabiliteit van concrete acties afhankelijk van de plaats van uitvoering

Verordening (EU) nr. 1303/2013

1. Concrete acties die door de ESI-fondsen worden ondersteund, moeten, behoudens de afwijkingen in de leden 2 en 3 en de fondsspecifieke voorschriften, worden uitgevoerd in het programmagebied.

2. De managementautoriteit kan aanvaarden dat een concrete actie buiten het programmagebied, maar binnen de Unie, wordt uitgevoerd als aan alle volgende voorwaarden wordt voldaan:

a) de concrete actie komt ten goede aan het programmagebied;

b) het totaalbedrag dat in het kader van het programma aan concrete acties buiten het programmagebied wordt toegewezen, bedraagt niet meer dan 15 % van de steun uit het EFRO, het Cohesiefonds en het EFMZV op het niveau van de prioriteit of niet meer dan 5 % van de steun uit het ELFPO op het niveau van het programma;

c) het toezichtcomité heeft met de betrokken concrete actie of soorten concrete acties ingestemd;

d) de verplichtingen van de autoriteiten voor het programma in verband met beheer, controle en audit van de concrete actie worden vervuld door de autoriteiten die verantwoordelijk zijn voor het programma in het kader waarvan de concrete actie wordt ondersteund, of zij sluiten overeenkomsten met autoriteiten in het gebied waar de concrete actie wordt uitgevoerd.

3. Uitgaven voor concrete acties die betrekking hebben op technische bijstand of promotieactiviteiten, mogen buiten de Unie worden gedaan, mits aan de voorwaarden in lid 2, onder a), en de verplichtingen in verband met beheer, controle en audit van de concrete actie wordt voldaan.

4. De leden 1 tot en met 3 zijn niet van toepassing op programma's in het kader van de doelstelling "Europese territoriale samenwerking" en de leden 2 en 3 zijn niet van toepassing op door het ESF ondersteunde concrete acties.

Vorige artikelen

Volgende artikelen