Art. 1 Verordening (EU) nr. 1290/2013, Onderwerp en toepassingsgebied

Verordening (EU) nr. 1290/2013

1. In deze verordening zijn specifieke regels vastgesteld voor de deelname aan acties onder contract die worden uitgevoerd op grond van Verordening (EU) nr. 1291/2013 of het, met inbegrip van de deelname aan acties onder contract die overeenkomstig artikel 9, lid 2, van die verordening door financieringsorganen worden gesubsidieerd.

In deze verordening zijn ook de regels vastgesteld die van toepassing zijn op de exploitatie en de verspreiding van resultaten.

2. Met inachtneming van de specifieke regels zoals vastgesteld in deze verordening, zijn de desbetreffende bepalingen van Verordening (EU, Euratom) nr. 966/2012 en Verordening (EU) nr. 1268/2012 van toepassing.

3. Krachtens Verordening (EG) nr. 294/2008 of elke basishandeling op grond waarvan een financieringsorgaan uit hoofde van artikel 185 VWEU wordt belast met taken op het gebied van begrotingsuitvoering, kunnen regels worden vastgesteld die afwijken van de regels in onderhavige verordening. Teneinde rekening te houden met hun specifieke operationele behoeften die zijn vastgesteld in het kader van de desbetreffende basishandeling, is de Commissie bevoegd overeenkomstig artikel 56 handelingen vast te stellen inzake de krachtens artikel 187 VWEU opgerichte financieringsorganen, met betrekking tot:

a) de voorwaarden voor deelname aan uitnodigingen tot het indienen van voorstellen die uitgaan van financieringsorganen op het gebied van de luchtvaart, teneinde het in artikel 9, lid 1, genoemde minimumaantal deelnemers te verminderen;

b) de in artikel 10 genoemde subsidiabiliteit, waarbij financieringsorganen op het gebied van de bio-industrie en innovatieve geneesmiddelen worden gemachtigd om de subsidiabiliteit tot specifieke soorten deelnemers te beperken;

c) de regels inzake de exploitatie en verspreiding van resultaten, waarbij financieringsorganen op het gebied van innovatieve geneesmiddelen worden gemachtigd:

i) de mogelijkheden uit te breiden om resultaten en background aan gelieerde entiteiten, kopers en opvolgingsentiteiten over te dragen of in licentie te geven, overeenkomstig de subsidieovereenkomst en zonder toestemming van andere in artikel 44, leden 1 en 2, genoemde deelnemers;

ii) specifieke overeenkomsten tot stand te brengen voor toegangsrechten tot background, teneinde resultaten voor verdere commercialisering te ontwikkelen of die zelf te commercialiseren (directe exploitatie), als bedoeld in artikel 48, leden 2, 3 en 4;

iii) de regels aan te vullen met bepalingen inzake eigendom van en toegang tot gegevens, kennis en informatie die buiten de doelstellingen van een actie vallen en die niet nodig zijn voor de uitvoering en exploitatie van de actie (sideground), als bedoeld in artikel 41, lid 2, en de artikelen 45 tot en met 48;

iv) de exploitatieregels uit te breiden tot andere doeleinden dan de uitvoering van acties (gebruik voor onderzoeksdoeleinden) of resultaten te ontwikkelen voor verdere commercialisering of die zelf te commercialiseren (directe exploitatie), als bedoeld in artikel 48;

v) specifieke criteria vast te stellen om, binnen dezelfde actie, het verlenen van de in artikel 46, lid 2, bedoelde sublicenties onder deelnemers toe te staan;

vi) de toegangsrechten van deelnemers, hun gelieerde entiteiten en licentiehoudende derden, onder de in de in artikel 24, lid 2, bedoelde consortiumovereenkomst vastgelegde voorwaarden, uit te breiden tot resultaten of background voor andere doeleinden dan de uitvoering van acties (gebruik voor onderzoeksdoeleinden) onder passende voorwaarden, waaronder financiële voorwaarden, of het ontwikkelen van resultaten voor verdere commercialisering of het zelf commercialiseren van resultaten (directe exploitatie), als bedoeld in de artikelen 46 tot 48;

vii) de toegangsrechten tot directe exploitatieafhankelijk te maken van een akkoord tussen de betrokken deelnemers, als bedoeld in artikel 48;

viii) de verspreiding door wetenschappelijke publicatie in de vorm van open toegang als bedoeld in artikel 43, lid 2, facultatief te maken;

d) de financiering van de acties, waarbij financieringsorganen op het gebied van elektronische componenten en systemen andere dan de in artikel 28, lid 3, vermelde vergoedingspercentages mogen toepassen wanneer een deelnemer of een actie door een of meer lidstaten wordt meegefinancierd.

Andere dan de in de eerste en tweede alinea van dit lid bedoelde financieringsorganen die krachtens artikel 58, onder c), punt i) of punt ii), van Verordening (EU, Euratom) nr. 966/2012 met taken op het gebied van begrotingsuitvoering zijn belast, kunnen, na goedkeuring door de Commissie, regels toepassen die afwijken van de bepalingen in deze verordening indien dit vanwege hun specifieke behoeften noodzakelijk is.

4. Deze verordening is niet van toepassing op eigen acties die door het Gemeenschappelijk Centrum voor Onderzoek (GCO) worden uitgevoerd.

Volgende artikelen