Art. 19 Verordening (EU) nr. 984/2013, Gebundelde-capaciteitsproducten
Aangrenzende transmissiesysteembeheerders bieden gezamenlijk gebundelde capaciteitsproducten, aan overeenkomstig de volgende beginselen:
1. aan beide zijden van een interconnectiepunt wordt alle vaste capaciteit aangeboden als gebundelde capaciteit, voor zover er aan beide zijden van een interconnectiepunt vaste capaciteit beschikbaar is;
2. de transmissiesysteembeheerders bieden capaciteit aan voor het relevante standaard capaciteitsproduct op een boekingsplatform, overeenkomstig artikel 27 en in overeenstemming met de toepasselijke toewijzingsprocedure als uiteengezet in hoofdstuk III;
3. de door de betrokken transmissiesysteembeheerders in een interconnectiepunt aan te bieden gebundelde capaciteit wordt gecontracteerd via een eenvoudige toewijzingsprocedure;
4. de netwerkgebruikers moeten vanaf het tijdstip dat de transportcapaciteit gecontracteerd is, voldoen aan de toepasselijke voorwaarden van het/de transportcontract(en) van de betrokken transmissiesysteembeheerders;
5. wanneer er voor enige periode in kwestie meer beschikbare capaciteit is aan één zijde van een interconnectiepunt dan aan de andere zijde, kan de transmissiesysteembeheerder met de meeste beschikbare vaste capaciteit dergelijke extra capaciteit overeenkomstig de veilingkalender en de volgende regels aan de netwerkgebruikers aanbieden als een ongebundeld product:
a) wanneer er een bestaand contract voor ongebundelde capaciteit bestaat aan de andere zijde van het interconnectiepunt, kan op een ongebundelde basis capaciteit worden aangeboden die de hoeveelheid en de tijdsduur van het bestaande transportcontract aan de andere zijde niet overschrijdt;
b) wanneer dergelijke extra capaciteit niet valt onder lid 5, punt a), mag ze worden aangeboden voor een maximumperiode van één jaar;
6. alle overeenkomstig lid 5 toegewezen ongebundelde capaciteit mag als zodanig worden gebruikt en genomineerd. Die capaciteit mag ook worden verhandeld op de secundaire markt;
7. aangrenzende transmissiesysteembeheerders stellen een gezamenlijke nominatieprocedure vast voor gebundelde capaciteit, waardoor netwerkgebruikers de middelen krijgen om de flows van hun gebundelde capaciteit te nomineren via één enkele nominatie;
8. de verplichtingen om gebundelde capaciteit aan te bieden gelden ook, in de mate dat zij relevant zijn, voor de secundaire capaciteitsmarkten. Onverlet het bepaalde in lid 1 kan capaciteit die oorspronkelijk is toegewezen als gebundelde capaciteit uitsluitend als gebundelde capaciteit op de secundaire markt worden herverkocht;
9. wanneer twee of meer interconnectiepunten dezelfde twee aangrenzende entry-exit-systemen verbinden, bieden de betrokken aangrenzende transmissiesysteembeheerders de in de interconnectiepunten beschikbare capaciteiten aan in één virtueel interconnectiepunt. Wanneer meer dan twee transmissiesysteembeheerders betrokken zijn omdat capaciteit in één of in beide entry-exit-systemen wordt verhandeld door meer dan één transmissiesysteembeheerder, omvat het virtueel interconnectiepunt al deze transmissiesysteembeheerders, voor zover dat mogelijk is. In alle gevallen wordt een virtueel interconnectiepunt uitsluitend opgezet wanneer aan de volgende voorwaarden is voldaan:
a) de totale technische capaciteit in de virtuele interconnectiepunten is gelijk aan of is hoger dan de som van de technische capaciteiten in elk van de interconnectiepunten die bijdragen tot de virtuele interconnectiepunten;
b) het vergemakkelijkt het economisch en efficiënt gebruik van het systeem, inclusief, onder meer, wat de regels betreft die zijn uiteengezet in artikel 16 van Verordening (EG) nr. 715/2009.
Aangrenzende transmissiesysteembeheerders starten de vereiste analyse op en richten functionele virtuele interconnectiepunten op uiterlijk 5 jaar na de inwerkingtreding van deze verordening.