Art. 520 Verordening (EU) nr. 575/2013, Wijziging van Verordening (EU) nr. 648/2012
Verordening (EU) nr. 648/2012 wordt gewijzigd als volgt:
1. in Titel IV wordt het volgende hoofdstuk toegevoegd:
" HOOFDSTUK 4
Berekeningen en rapportage voor de toepassing van Verordening (EU) nr. 575/2013
Artikel 50 bis
Berekening van KCCP
1. Voor de toepassing van artikel 308 van Verordening (EU) nr. 575/2013 van het Europees Parlement en de Raad van 26 juni 2013 betreffende prudentiële vereisten voor kredietinstellingen en beleggingsondernemingen (*1) berekent een CTP die de artikel 301, lid 2, punt b), van die verordening bedoelde kennisgeving heeft ontvangen, KCCP als bepaald in lid 2 van dit artikel voor alle overeenkomsten en transacties die de CTP cleart voor al haar onder het wanbetalingsfonds in kwestie vallende clearingleden.
2. Een CTP berekent het hypothetische kapitaal (KCCP) als volgt:
waarbij:
EBRMi
=
de blootstellingswaarde vóór risicolimitering die gelijk is aan de blootstellingswaarde van de CTP op clearinglid i die voortvloeit uit alle overeenkomsten en transacties met dat clearinglid, berekend zonder rekening te houden met de door dat clearinglid gestorte zekerheid;
IMi
=
de door clearinglid i bij de CTP gestorte initiële marge;
DFi
=
de voorgefinancierde bijdrage van clearinglid i;
RW
=
een risicogewicht van 20 %;
capital ratio
=
8 %.
3. Een CTP voert de bij lid 2 voorgeschreven berekening ten minste elk kwartaal uit, of vaker indien dit wordt voorgeschreven door de bevoegde autoriteiten van de instellingen onder haar clearingleden.
4. De EBA ontwikkelt ontwerpen van technische uitvoeringsnormen tot nadere bepaling van de volgende elementen voor de toepassing van lid 3:
a) de frequentie en de datums van de in lid 2 gespecificeerde berekeningen;
b) de situaties waarin de bevoegde autoriteit van een instelling die als clearinglid optreedt, een hogere berekenings- en rapportagefrequentie kan verlangen dan de in punt a) bedoelde frequentie.
De EBA legt die ontwerpen van technische uitvoeringsnormen uiterlijk op 1 januari 2014 voor aan de Commissie.
Aan de Commissie wordt de bevoegdheid toegekend om de in de eerste alinea bedoelde technische uitvoeringsnormen vast te stellen overeenkomstig artikel 15 van Verordening (EU) nr. 1093/2010.
Artikel 50 ter
Algemene regels voor de berekening van KCCP
Voor de berekening overeenkomstig artikel 50 bis, lid 2, is het volgende van toepassing:
a) een CTP berekent de waarde van de blootstellingen met betrekking tot haar clearingleden als volgt:
i) voor de blootstellingen die voortvloeien uit overeenkomsten en transacties vermeld in artikel 301, lid 1, punten a) en d) van Verordening (EU) nr. 575/2013;
ii) voor de blootstellingen die voortvloeien uit overeenkomsten en transacties vermeld in artikel 301, lid 1, punten b), c) en e), van Verordening (EU) nr. 575/2013 overeenkomstig de in de artikel 223 van die verordening gespecificeerde uitgebreide benadering van financiële zekerheden, met de in de artikelen 223 en 224 van die verordening gespecificeerde volatiliteitsaanpassingen door de toezichthouder. De uitzondering van artikel 285, lid 3, onder a), van die verordening is niet van toepassing;
iii) voor de blootstellingen die voortvloeien uit transacties die niet vermeld zijn in artikel 301, lid 1, van Verordening (EU) nr. 575/2013 en die uitsluitend afwikkelingsrisico met zich meebrengt overeenkomstig deel 3, titel V, van die verordening.
b) voor onder Verordening (EU) nr. 575/2013 vallende instellingen zijn de samenstellen van verrekenbare transacties dezelfde als die welke omschreven zijn in deel 3, titel II van die verordening;
c) bij de berekening van de in punt a) bedoelde waarden brengt de CTP op haar blootstellingen de door haar clearingleden gestorte zekerheden in mindering, op passende wijze verminderd door middel van de volatiliteitsaanpassingen door de toezichthouder overeenkomstig de in artikel 224 van Verordening (EU) nr. 575/2013 gespecificeerde uitgebreide benadering van financiële zekerheden;
d) een CTP berekent haar blootstellingen in effectenfinancieringstransacties overeenkomstig de in de artikelen 223 en 224 van Verordening (EU) nr. 575/2013 gespecificeerde uitgebreide benadering van financiële zekerheden (met volatiliteitsaanpassingen door de toezichthouder);
e) indien een CTP blootstellingen heeft op een of meer CTP's, behandelt zij dergelijke blootstellingen alsof het blootstellingen aan clearingleden waren en betrekt zij de eventuele marge of voorgefinancierde bijdragen die van die CTP's zijn ontvangen bij de berekening van KCCP;
f) indien een CTP met haar clearingleden een bindende contractuele regeling is aangegaan op grond waarvan zij de initiële marge die zij van haar clearingleden heeft ontvangen, geheel of gedeeltelijk kan gebruiken alsof die voorgefinancierde bijdragen vertegenwoordigde, beschouwt het clearinglid voor de berekening in lid 1 die initiële marge als voorgefinancierde bijdrage en niet als initiële marge;
g) wanneer een CTP de op de waardering tegen marktwaarde gebaseerde methode toepast, vervangt zij de formule in artikel 298, lid 1, punt c), onder ii), van Verordening (EU) nr. 575/2013 door de volgende formule:
;
waarbij de teller van NGR wordt berekend overeenkomstig artikel 274, lid 1, van Verordening (EU) nr. 575/2013 en juist voordat de feitelijke uitwisseling van de variatiemarge aan het einde van de afwikkelingsperiode plaatsvindt, en de brutovervangingswaarde de noemer vormt;
h) wanneer een CTP de op de waardering tegen marktwaarde gebaseerde methode als bepaald in artikel 274 van Verordening (EU) nr. 575/2013 toepast, vervangt zij de formule in artikel 298, lid 1, punt c), onder ii), van die verordeningdoor de volgende formule:
waarbij de teller van NGR wordt berekend overeenkomstig artikel 274, lid 1, van die verordening en juist voordat de feitelijke uitwisseling van variatiemarges aan het einde van de afwikkelingsperiode plaatsvindt, en de brutovervangingswaarde de noemer vormt;
i) indien een CTP niet in staat is de waarde van NGR als vermeld in artikel 298, lid 1, punt c), onder ii), van Verordening (EU) nr. 575/2013 te berekenen, gaat zij als volgt te werk:
i) zij stelt de instellingen onder haar clearingleden in kennis van het feit dat zij niet in staat is de waarde van NGR te berekenen, alsook van de redenen waarom zij niet in staat is de berekening te verrichten;
ii) zij mag gedurende een periode van drie maanden een NGR-waarde van 0,3 gebruiken voor het verrichten van de berekening van PCEred als gespecificeerd in punt g);
j) indien de CTP aan het einde van de in punt i), onder ii), gespecificeerde periode nog steeds niet in staat is de waarde van de NGR te berekenen, gaat zij als volgt te werk:
i) zij houdt op KCCP te berekenen;
ii) zij stelt de instellingen onder haar clearingleden ervan in kennis dat zij opgehouden is met het berekenen van KCCP;
k) l) indien een CTP meer dan één wanbetalingsfonds heeft, verricht zij de in artikel 50 bis, lid 2, bepaalde berekening voor elk wanbetalingsfonds afzonderlijk.
Artikel 50 quater
Rapportage van informatie
1. Voor de toepassing van artikel 308 van Verordening (EU) nr. 575/2013 rapporteert een CTP aan de instellingen onder haar clearingleden en aan hun bevoegde autoriteiten de volgende informatie:
a) het hypothetische kapitaal (KCCP);
b) de som van de voorgefinancierde bijdragen (DFCM);
c) het bedrag van haar voorgefinancierde financiële middelen dat zij – bij wet of op grond van een contractuele regeling met haar clearingleden – gehouden is te gebruiken om haar verliezen te dekken na wanbetaling door een of meer van haar clearingleden alvorens gebruik te maken van de bijdragen aan het wanbetalingsfonds van de overige clearingleden (DFCCP);
d) het totale aantal van haar clearingleden (N);
e) de concentratiefactor (β), als vervat in artikel 50 quinquies;
f) Indien een CTP meer dan één wanbetalingsfonds heeft, rapporteert zij de in de eerste alinea bedoelde informatie voor elk wanbetalingsfonds afzonderlijk.
2. Een CTP stelt de instellingen onder haar clearingleden ten minste elk kwartaal van die informatie in kennis, of vaker indien dit wordt voorgeschreven door de bevoegde autoriteiten van die clearingleden.
3. De EBA ontwikkelt ontwerpen van technische uitvoeringsnormen tot nadere bepaling van:
a) het uniforme template voor de rapportage van de in lid 1 gespecificeerde informatie;
b) de frequentie en de datums van de in lid 2 gespecificeerde rapportage;
c) de situaties waarin de bevoegde autoriteit van een instelling die als clearinglid optreedt, een hogere rapportagefrequentie kan verlangen dan de in punt b) bedoelde.
De EBA legt die ontwerpen van technische uitvoeringsnormen uiterlijk op 1 januari 2014 voor aan de Commissie.
Aan de Commissie wordt de bevoegdheid toegekend om de in de eerste alinea bedoelde technische uitvoeringsnormen vast te stellen overeenkomstig artikel 15 van Verordening (EU) nr. 1093/2010.
Artikel 50 quinquies
Berekening van specifieke door de CTP te rapporteren posten
Voor de toepassing van artikel 50 quater geldt het volgende:
a) indien de regels van een CTP erin voorzien dat zij, naast de voorgefinancierde bijdragen van haar clearingleden, een deel of het geheel van haar financiële middelen gebruikt op zodanige wijze dat die middelen gelijkwaardig zijn aan de voorgefinancierde bijdragen van een clearinglid uit het oogpunt van het opvangen van de verliezen van de CTP als gevolg van wanbetaling door of insolventie van een of meer van haar clearingleden, telt de CTP het bedrag van die financiële middelen op bij DFCM;
b) .
c) Een CTP berekent de concentratiefactor (β) volgens de volgende formule:
waarbij:
PCEred,i
=
het verlaagde bedrag van de potentiële blootstelling aan het toekomstig kredietrisico voor alle overeenkomsten en transacties van een CTP met clearinglid i;
PCEred,1
=
het verlaagde bedrag van de potentiële blootstelling aan het toekomstig kredietrisico voor alle overeenkomsten en transacties van een CTP met het clearinglid dat de hoogste PCEred-waarde heeft;
PCEred,2
=
het verlaagde bedrag van de potentiële blootstelling aan het toekomstig kredietrisico voor alle overeenkomsten en transacties van een CTP met het clearinglid dat de op één na de hoogste PCEred-waarde heeft.
(*1) PB L 176, 27.6.2013, p. 1.";"
2) In artikel 11, punt 15, wordt punt b) geschrapt;
3) In artikel 89 wordt het volgende lid ingevoegd:
"5 bis. Tot en met 15 maanden na de inwerkingtreding van de laatste van de elf technische reguleringsnormen bedoeld aan het einde van de eerste alinea van lid 3, of, als deze eerder valt, totdat krachtens artikel 14 een besluit wordt genomen over de vergunningverlening aan de CTP, past die CTP de in de derde alinea van dit lid gespecificeerde behandeling toe.
Tot en met 15 maanden na de inwerkingtreding van de laatste van de elf technische reguleringsnormen bedoeld aan het einde van de tweede alinea van lid 3, of, als deze eerder valt, tot de datum waarop krachtens artikel 25 een besluit wordt genomen over de erkenning van de CTP, past die CTP de in de derde alinea van dit lid gespecificeerde behandeling toe.
Indien een CTP niet over een wanbetalingsfonds beschikt en geen bindende regeling met haar clearingleden is aangegaan op grond waarvan zij de initiële marge die zij van haar clearingleden heeft ontvangen, geheel of gedeeltelijk kan gebruiken alsof die voorgefinancierde bijdragen vertegenwoordigde, omvat de informatie die zij overeenkomstig artikel 50 quater, lid 1, rapporteert het totale bedrag van de initiële marge die zij van haar clearingleden heeft ontvangen.
De termijnen in de eerste en de tweede alinea van dit lid kunnen additioneel met zes maanden verlengd wordenindien de Commissie de in artikel 497, lid 3, van Verordening 2013/575/EU bedoelde uitvoeringshandeling heeft vastgesteld."