Art. 10 Verordening (EU) nr. 543/2013, Informatie met betrekking tot de onbeschikbaarheid van transmissie-infrastructuur
1. Voor hun regelzones berekenen de TSB’s de volgende elementen en zenden zij de desbetreffende resultaten toe aan het ENTSB-elektriciteit:
a) de geplande onbeschikbaarheid, inclusief wijzigingen in de geplande onbeschikbaarheid van interconnecties en in het transmissienet waardoor de zoneoverschrijdende capaciteit tussen biedzones met minimaal 100 MW gedurende minimaal één markttijdseenheid achteruitgaat, met daarbij:
— een identificatie van de betrokken installaties,
— de locatie,
— het type van de betrokken installaties,
— het geraamde effect op de zoneoverschrijdende capaciteit per richting tussen de biedzones,
— de redenen voor de onbeschikbaarheid,
— de geraamde begin- en einddatum (dag, uur) van de wijziging qua beschikbaarheid;
b) wijzigingen in de feitelijke beschikbaarheid van interconnecties en in het transmissienet waardoor de zoneoverschrijdende capaciteit tussen biedzones met minimaal 100 MW gedurende minimaal één markttijdseenheid achteruitgaat, met daarbij:
— een identificatie van de betrokken installaties,
— de locatie,
— het type van de betrokken installaties,
— het geraamde effect op de zoneoverschrijdende capaciteit per richting tussen de biedzones,
— de redenen voor de onbeschikbaarheid,
— de begin- en geraamde einddatum (dag, uur) van de wijziging qua beschikbaarheid;
c) wijzigingen in de feitelijke beschikbaarheid van off-shore-netwerkinfrastructuur die de windenergie-feed-in met minimaal 100 MW verminderen gedurende minimaal één markttijdseenheid, met daarbij:
— een identificatie van de betrokken installaties,
— de locatie,
— het type van de betrokken installaties,
— de aan de installatie gekoppelde geïnstalleerde windvermogen-opwekkingscapaciteit (in MW),
— het in het net ingevoerde windvermogen (in MW) op het tijdstip van de wijziging qua beschikbaarheid,
— de redenen voor de onbeschikbaarheid,
— de begin- en geraamde einddatum (dag, uur) van de wijziging qua beschikbaarheid.
2. De in punt a) van lid 1 gespecificeerde informatie wordt zo snel mogelijk, maar niet later dan één uur nadat de beslissing met betrekking tot de geplande onbeschikbaarheid gemaakt is, gepubliceerd.
3. De in de punten b) en c) van lid 1 gespecificeerde informatie wordt zo snel mogelijk, maar niet later dan één uur na de wijziging in de feitelijke beschikbaarheid, gepubliceerd.
4. Voor de in de punten a) en b) van lid 1 bedoelde informatie mogen de TSB’s ervoor kiezen de betrokken installatie niet te identificeren en de betrokken locatie niet te specificeren wanneer de desbetreffende informatie in die lidstaat is geïdentificeerd als gevoelige informatie in verband met de bescherming van kritieke infrastructuur als gedefinieerd in punt d) van artikel 2 van Richtlijn 2008/114/EG van de Raad (3). Dit laat hun andere verplichtingen overeenkomstig lid 1 van dit artikel onverlet.