Art. 82 Richtlijn 2013/59/EU, Stralingsbeschermingsdeskundige
1. De lidstaten zorgen ervoor dat de stralingsbeschermingsdeskundige de onderneming deskundig advies verstrekt over vraagstukken in verband met de naleving van de toepasselijke wettelijke voorschriften inzake beroepsmatige blootstelling en blootstelling van de bevolking.
2. Het advies van de stralingsbeschermingsdeskundige omvat, in voorkomend geval, zonder daartoe beperkt te zijn:
a) de optimalisatie en vaststelling van passende dosisbeperkingen;
b) plannen voor nieuwe installaties en goedkeuring vóór ingebruikneming van nieuwe of gewijzigde stralingsbronnen met betrekking tot technische controlemaatregelen, vormkenmerken, veiligheidskenmerken en signaalinrichtingen voor stralingsbescherming;
c) de indeling van gecontroleerde en bewaakte zones;
d) de indeling van de werknemers;
e) werkplekgerelateerde en individuele monitoringsprogramma's en de bijhorende persoonlijke dosimetrie;
f) de passende instrumenten voor stralingsmonitoring;
g) de kwaliteitsborging;
h) het milieumonitoringsprogramma;
i) de regeling voor het beheer van radioactieve afvalstoffen;
j) de maatregelen voor de preventie van ongevallen en incidenten;
k) voorbereiding en reactie op blootstelling in noodsituaties;
l) programma's voor opleiding en heropleiding van blootgestelde werknemers;
m) onderzoek en analyse van ongevallen en incidenten en passende corrigerende maatregelen;
n) arbeidsomstandigheden van zwangere en borstvoeding gevende werknemers;
o) de opstelling van passende documentatie zoals een voorafgaande risicobeoordeling en schriftelijke procedures.
3. Indien nodig onderhoudt de stralingsbeschermingsdeskundige contact met de medisch-fysisch deskundige.
4. Aan de stralingsbeschermingsdeskundige kan, indien dat is voorzien in de nationale wetgeving, worden opgedragen werknemers en leden van de bevolking te beschermen tegen straling.