Art. 41 Richtlijn 2013/30/EU, Omzetting

Richtlijn 2013/30/EU

1. De lidstaten doen de nodige wettelijke en bestuursrechtelijke bepalingen in werking treden om uiterlijk 19 juli 2015 aan deze richtlijn te voldoen.

Zij stellen de Commissie daarvan onverwijld in kennis.

Wanneer de lidstaten die bepalingen aannemen, wordt in die bepalingen zelf of bij de officiële bekendmaking daarvan naar deze richtlijn verwezen. De regels voor deze verwijzing worden vastgesteld door de lidstaten.

2. De lidstaten delen de Commissie de tekst van de belangrijkste bepalingen van nationaal recht mee die zij op het onder deze richtlijn vallende gebied vaststellen.

3. In afwijking van de eerste alinea van lid 1 en behoudens lid 5 zijn lidstaten met offshorewateren die geen offshore olie- en gasactiviteiten in hun rechtsgebied hebben en niet voornemens zijn daarvoor een vergunning af te leveren, gehouden de Commissie daarvan in kennis te stellen en enkel die maatregelen in werking te doen treden, uiterlijk 19 juli 2015 die nodig zijn om te voldoen aan het bepaalde in de artikelen 20, 32 en 34. Deze lidstaten mogen geen vergunning voor dergelijke activiteiten afleveren totdat zij de resterende bepalingen van deze richtlijn hebben omgezet en de Commissie daarvan in kennis hebben gesteld.

4. In afwijking van de eerste alinea van lid 1 en behoudens lid 5 zijn lidstaten zonder offshore wateren gehouden enkel die maatregelen in werking te doen treden, uiterlijk 19 juli 2015 die nodig zijn om te voldoen aan artikel 20.

5. Indien er op 18 juli 2013 geen bedrijf dat valt onder artikel 20 geregistreerd staat in een lidstaat waarop hetzij lid 3, hetzij lid 4, van toepassing is, dan is de lidstaat niet eerder dan uiterlijk twaalf maanden na elke latere registratie van een dergelijk bedrijf in die lidstaat verplicht de maatregelen in werking te doen treden die nodig zijn om de naleving te verzekeren van artikel 20, of uiterlijk 19 juli 2015, indien deze datum later valt.

Vorige artikelen

Volgende artikelen