Art. 245 Gedelegeerde Verordening (EU) nr. 1268/2012, Inhoud en bijhouden van de begrotingsboekhouding

Gedelegeerde Verordening (EU) nr. 1268/2012

1. In de begrotingsboekhouding worden voor elk onderdeel van de begroting geregistreerd:

a) wat betreft de uitgaven:

i) de in de oorspronkelijke begroting uitgetrokken kredieten, de kredieten van de gewijzigde begrotingen, de overgedragen kredieten, de kredieten in verband met de inning van bestemmingsontvangsten, de overgeschreven kredieten en het totale bedrag van de aldus beschikbaar gestelde kredieten;

ii) de vastleggingen en de betalingen van het begrotingsjaar;

b) wat betreft de ontvangsten:

i) de ramingen van de oorspronkelijke begroting, de ramingen van de gewijzigde begrotingen, de bestemmingsontvangsten en het totale bedrag van de aldus berekende ramingen;

ii) de vastgestelde rechten en de invorderingen van het begrotingsjaar;

c) de nog te betalen vastleggingen en nog te innen ontvangsten van de voorafgaande begrotingsjaren.

De in de eerste alinea, onder a), bedoelde vastleggingskredieten en betalingskredieten worden afzonderlijk geregistreerd en gevolgd.

In de begrotingsboekhouding worden tevens de samenvattende voorlopige vastleggingen van het Europees Landbouwgarantiefonds (hierna het „ELGF” genoemd) en de desbetreffende betalingen geregistreerd.

Deze vastleggingen worden aangegeven tegenover het geheel van de kredieten van het ELGF.

2. De begrotingsboekhouding maakt afzonderlijk toezicht mogelijk op:

a) het gebruik van de overgedragen kredieten en de kredieten van het begrotingsjaar;

b) de betaalbaarstelling van de nog betaalbaar te stellen vastleggingen.

Aan de ontvangstenzijde wordt op de nog te innen schuldvorderingen van voorafgaande begrotingsjaren afzonderlijk toezicht gehouden.

3. De begrotingsboekhouding kan zodanig worden georganiseerd dat een analytische boekhouding ontstaat.

4. De begrotingsboekhouding wordt met behulp van computersystemen, in boeken of op fiches bijgehouden.

Vorige artikelen

Volgende artikelen