Art. 148 Gedelegeerde Verordening (EU) nr. 1268/2012, Technische en beroepsbekwaamheid

Gedelegeerde Verordening (EU) nr. 1268/2012

1. De technische en beroepsmatige geschiktheid van de economische subjecten wordt overeenkomstig de leden 2 en 3 beoordeeld en geverifieerd. In de procedures voor het plaatsen van opdrachten voor leveringen waarvoor plaatsings- of installatiewerkzaamheden nodig zijn, het verlenen van diensten en/of de uitvoering van werken, wordt deze geschiktheid beoordeeld op basis van met name hun kennis, bekwaamheid, ervaring en betrouwbaarheid.

2. De technische en beroepsmatige geschiktheid kan naar gelang van de aard, de hoeveelheid of omvang en het gebruik van de te verrichten werken, leveringen of diensten, met één of meer van de volgende documenten worden bewezen:

a) studie- en beroepsdiploma’s van de dienstverlener of aannemer van werken en/of het hogere personeel van de onderneming en in het bijzonder van de personen die met de dienst of de werken zijn belast;

b) een lijst:

i) van de voornaamste diensten en leveringen die in de afgelopen drie jaar zijn uitgevoerd, onder vermelding van bedrag, datum en publiek- of privaatrechtelijke afnemer;

ii) van de werken die in de laatste vijf jaren zijn uitgevoerd, met vermelding van bedrag, datum en plaats;

c) een beschrijving van de voor de uitvoering van een opdracht voor diensten of werken gebruikte technische uitrusting en voorzieningen;

d) een beschrijving van de technische uitrusting en de maatregelen die worden genomen om de kwaliteit van de leveringen en diensten te waarborgen, alsmede van de studie- en onderzoekmiddelen van de onderneming;

e) een lijst van de technici of technische diensten, ook als deze niet tot de onderneming behoren, vooral als zij verantwoordelijk zijn voor de kwaliteitscontrole;

f) in geval van leveringen: monsters, beschrijvingen, authentieke foto’s, verklaringen van als bevoegd erkende officiële instellingen of diensten voor kwaliteitscontrole waarin wordt bevestigd dat de producten in overeenstemming zijn met de geldende specificaties of normen;

g) een verklaring betreffende het gemiddelde jaarlijkse personeelsbestand van de dienstverlener of aannemer van werken en de omvang van het kaderpersoneel in de laatste drie jaren;

h) de opgave van het gedeelte van de opdracht dat de dienstverlener eventueel in onderaanneming wil geven;

i) voor overheidsopdrachten voor het uitvoeren van werken of het verlenen van diensten, en uitsluitend in passende gevallen, de vermelding van de maatregelen inzake milieubeheer die het economische subject bij de uitvoering van de opdracht kan toepassen.

Wanneer de in de eerste alinea, onder b), i), bedoelde instantie waarvoor de diensten en leveringen bestemd waren een aanbestedende dienst is, wordt het bewijs geleverd door verklaringen die door de bevoegde autoriteit zijn afgegeven of medeondertekend.

Voor de toepassing van punt b), ii), van de eerste alinea wordt de lijst van de belangrijkste werken gestaafd door verklaringen inzake de goede uitvoering waarin is aangegeven of de werken vakkundig zijn uitgevoerd en tot een goed einde zijn gebracht.

3. Indien de te leveren diensten of producten van complexe aard zijn of, in uitzonderlijke gevallen, geschikt moeten zijn voor een bijzonder doel, kan de technische en beroepsmatige geschiktheid worden aangetoond door middel van een controle door de aanbestedende dienst of, namens deze, door een bevoegd officieel orgaan van het land waar de dienstverlener of leverancier gevestigd is, onder voorbehoud van de instemming van dat orgaan. Deze controle heeft betrekking op de technische geschiktheid van de dienstverlener en de productiemogelijkheden van de leverancier en, indien nodig, de studie- en onderzoekmiddelen waarover zij beschikken, alsmede de maatregelen die zij nemen om de kwaliteit te controleren.

4. Wanneer de aanbestedende diensten de overlegging verlangen van door onafhankelijke instanties opgestelde verklaringen volgens welke het economische subject aan bepaalde kwaliteitsnormen voldoet, verwijzen zij naar kwaliteitsbewakingsregelingen die op de Europese normenreeksen ter zake zijn gebaseerd en die zijn gecertificeerd door geaccrediteerde instanties. Zij aanvaarden echter eveneens andere bewijzen van gelijkwaardige maatregelen inzake kwaliteitsbewaking van ondernemers die niet voor dergelijke verklaringen in aanmerking komen of die deze verklaringen niet binnen de gestelde termijnen kunnen verkrijgen.

5. Wanneer aanbestedende diensten de overlegging eisen van een door een onafhankelijke instantie opgestelde verklaring dat de ondernemer voldoet aan bepaalde regelingen of normen inzake milieubeheer, verwijzen zij naar het milieubeheer- en milieuauditsysteem van de Europese Unie of enig ander milieubeheersysteem als erkend overeenkomstig artikel 45 van Verordening (EG) nr. 1221/2009 van het Europees Parlement en de Raad (18) of andere normen inzake milieubeheer op basis van de toepasselijke Europese of internationale normen die door geaccrediteerde instanties zijn gecertificeerd. Zij erkennen gelijkwaardige certificaten van in andere lidstaten gevestigde instellingen. Zij aanvaarden tevens andere bewijzen inzake gelijkwaardige maatregelen op het gebied van milieubeheer die de ondernemers overleggen.

6. Een economisch subject kan zich in voorkomend geval en voor een bepaalde opdracht beroepen op de draagkracht van andere entiteiten, ongeacht de juridische aard van zijn banden met die entiteiten. In dat geval moet het economisch subject tegenover de aanbestedende dienst aantonen dat hij over de nodige middelen voor de uitvoering van de opdracht beschikt, bijvoorbeeld door overlegging van een verbintenis van deze entiteiten om deze middelen ter beschikking te stellen.

Onder dezelfde voorwaarden kan een in artikel 121, lid 5, bedoelde combinatie van economische subjecten zich op de geschiktheid van de deelnemers aan de combinatie of van andere entiteiten beroepen.

7. In het geval van opdrachten voor werken, diensten en plaatsings- en installatiewerkzaamheden in het kader van een opdracht voor diensten, kunnen aanbestedende diensten eisen dat bepaalde kritieke taken rechtstreeks door de inschrijver zelf worden verricht, of wanneer een inschrijving door een combinatie van ondernemers als bedoeld in artikel 121, lid 6, is ingediend, door een deelnemer aan de combinatie.

8. Aanbestedende diensten kunnen besluiten dat economische subjecten de opdracht niet volgens een passende kwaliteitsnorm kunnen uitvoeren wanneer zij hebben vastgesteld dat er sprake is van belangenconflicten die de uitvoering van de opdracht negatief kunnen beïnvloeden.

Vorige artikelen

Volgende artikelen