Art. 18 Verordening (EU) nr. 648/2012, College

Verordening (EU) nr. 648/2012

1. De voor de CTP bevoegde autoriteit richt uiterlijk 30 kalenderdagen na de indiening van een volledige aanvraag in overeenstemming met artikel 17, een college op, bestuurt dit en zit dit voor teneinde de uitvoering van de in de artikelen 15, 17, 49, 51 en 54 bedoelde taken te faciliteren.

2. Het college bestaat uit:

a) ESMA;

b) de voor de CTP bevoegde autoriteit;

c) de bevoegde autoriteiten die verantwoordelijk zijn voor het toezicht op de clearingleden van de CTP die gevestigd zijn in de drie lidstaten met de grootste bijdragen in het in artikel 42 bedoelde wanbetalingsfonds van de CTP, op geaggregeerde basis gedurende een periode van één jaar;

d) de bevoegde autoriteiten die verantwoordelijk zijn voor het toezicht op de door de CTP bediende handelsplatforms;

e) de bevoegde autoriteiten die toezicht uitoefenen op de CTP's waarmee interoperabiliteitsregelingen zijn getroffen;

f) de bevoegde autoriteiten die toezicht uitoefenen op de centrale effectenbewaarinstellingen waarbij de CTP is aangesloten;

g) de relevante leden van het ESCB die verantwoordelijk zijn voor de supervisie op de CTP en de relevante leden van het ESCB die verantwoordelijk zijn voor de supervisie op de CTP's waarmee interoperabiliteitsregelingen zijn getroffen;

h) de centrale banken die de belangrijkste EU-valuta's van de geclearde financiële instrumenten uitgeven.

3. De bevoegde autoriteit van een lidstaat die geen deel uitmaakt van het college, mag het college te verzoeken om alle informatie die relevant is voor de uitoefening van haar toezichttaken.

4. Onverminderd de verantwoordelijkheden van bevoegde autoriteiten ingevolge deze verordening zorgt het college voor:

a) de opstelling van het in artikel 19 bedoelde advies;

b) de uitwisseling van informatie, waaronder verzoeken om informatie uit hoofde van artikel 84;

c) overeenstemming betreffende de vrijwillige toevertrouwing van taken onder haar leden;

d) de coördinatie van toezichtinspectieprogramma's op basis van een risicobeoordeling van de CTP, en

e) de bepaling van procedures en calamiteitenplannen om noodsituaties aan te pakken, zoals bedoeld in artikel 24.

5. De oprichting en de werking van het college zijn gebaseerd op een schriftelijke overeenkomst tussen alle leden ervan.

In die overeenkomst worden de praktische regelingen voor de werking van het college, waaronder nadere bepalingen betreffende de stemprocedures als bedoeld in artikel 19, lid 3, vastgelegd en kan worden bepaald dat sommige taken aan de voor de CTP bevoegde autoriteit of een ander lid van het college worden toevertrouwd.

6. Om de consistente en samenhangende werking van colleges in de Unie te garanderen, stelt ESMA ontwerpen van technische reguleringsnormen op ter nadere bepaling van de voorwaarden waaronder de in lid 2, onder h), bedoelde EU-valuta's als de meest relevante dienen te worden beschouwd, alsmede van de gegevens omtrent de praktische regelingen als bedoeld in lid 5.

ESMA dient deze ontwerpen van technische reguleringsnormen uiterlijk op 30 september 2012 in bij de Commissie.

Aan de Commissie wordt de bevoegdheid toegekend om de in de eerste alinea bedoelde technische reguleringsnormen overeenkomstig de artikelen 10 tot en met 14 van Verordening (EU) nr. 1095/2010 vast te stellen.

Vorige artikelen

Volgende artikelen