Art. 80 Uitvoeringsverordening (EU) nr. 404/2011, Binnenkomst in een haven van een lidstaat
Uitvoeringsverordening (EU) nr. 404/2011
1. Met het oog op de weging, stelt de kapitein van een vissersvaartuig, of diens vertegenwoordiger, de bevoegde autoriteiten van de lidstaat waar de aanlanding zal plaatsvinden, ten minste vier uur vóór de binnenkomst in de betrokken haven van aanlanding in kennis van:
a) de haven die hij wil aandoen, alsmede de naam en de externe registratiecijfers en -letters van het vaartuig;
b) het verwachte tijdstip van aankomst in die haven;
c) de in kg levend gewicht uitgedrukte hoeveelheden haring, makreel en horsmakreel die aan boord worden gehouden;
d) het/de betrokken geografische gebied(en) waar de vangst heeft plaatsgehad; het gebied verwijst naar het deelgebied en de sector of deelsector waar krachtens het EU-recht vangstbeperkingen gelden.
2. De kapiteins van EU-vissersvaartuigen waarop de voorschriften inzake de elektronische registratie van visserijlogboekgegevens van toepassing zijn, geven de in lid 1 bedoelde gegevens elektronisch door aan hun vlaggenlidstaat. De lidstaten geven deze informatie onmiddellijk door aan de lidstaat waar de aanlanding zal plaatsvinden. De in artikel 15 van de controleverordening bedoelde elektronische visserijlogboekgegevens en de in lid 1 van de onderhavige verordening bedoelde gegevens mogen in één keer elektronisch worden doorgestuurd.
3. De lidstaten kunnen een kortere dan de in lid 1 genoemde kennisgevingsperiode vaststellen. In dat geval stelt de betrokken lidstaat de Commissie 15 dagen vóór de inwerkingtreding van de kortere kennisgevingsperiode daarvan in kennis. De Commissie en de betrokken lidstaten publiceren deze informatie op hun website.