Art. 47 Uitvoeringsverordening (EU) nr. 404/2011, Frequentie van de doorgifte
Uitvoeringsverordening (EU) nr. 404/2011
1. Op zee geeft de kapitein van een EU-vissersvaartuig de elektronische visserijlogboekgegevens ten minste eenmaal daags, maar niet later dan om 24.00 uur, door aan de bevoegde autoriteiten van de vlaggenlidstaat, ook al is er niets gevangen. Hij verstuurt deze gegevens ook:
a) op verzoek van de bevoegde autoriteit van de vlaggenlidstaat;
b) onmiddellijk na de laatste visserijactiviteit;
c) vóór het binnenvaren van een haven;
d) bij elke inspectie op zee;
e) bij in de EU-wetgeving of door de vlaggenstaat omschreven gebeurtenissen.
Wanneer de laatste visserijactiviteit binnen één uur vóór het binnenvaren van een haven heeft plaatsgevonden, mogen de onder b) en c) bedoelde doorgiften in één boodschap worden verstuurd.
2. De kapitein kan correcties die aan de gegevens van het elektronische visserijlogboek en de aangiften van overlading zijn aangebracht, doorgeven tot de in lid 1, onder c), bedoelde laatste doorgifte. De correcties moeten duidelijk als zodanig herkenbaar zijn. Alle originele elektronische visserijlogboekgegevens en aan die gegevens aangebrachte correcties worden door de bevoegde autoriteiten van de vlaggenlidstaat opgeslagen.
3. De kapitein bewaart gedurende elke buitengaats doorgebrachte periode een kopie van de in lid 1 bedoelde gegevens aan boord van het vissersvaartuig totdat de aangifte van aanlanding is overgelegd.
4. Indien een EU-vissersvaartuig zich zonder visserijproducten aan boord in de haven bevindt en de kapitein de aangifte van aanlanding voor alle visserijactiviteiten van de laatste visreis heeft overgelegd, kan de doorgifte overeenkomstig lid 1 worden opgeschort, mits het VCC van de vlaggenlidstaat daarvan vooraf in kennis wordt gesteld. De doorgifte wordt hervat zodra het EU-vissersvaartuig de haven verlaat. Voorafgaande kennisgeving is niet vereist voor EU-vissersvaartuigen die zijn uitgerust met het VMS en de gegevens via dit systeem doorgeven.