Art. 19, Eisen inzake bepaalde erkende inrichtingen en bedrijven waar dierlijke bijproducten en afgeleide producten gehanteerd worden

Exploitanten zien erop toe dat de door de bevoegde autoriteit erkende inrichtingen en bedrijven onder hun controle de eisen in de volgende hoofdstukken van bijlage IX bij deze verordening naleven wanneer zij een of meer van de volgende in artikel 24, lid 1, van Verordening (EG) nr. 1069/2009 bedoelde activiteiten verrichten:

a) hoofdstuk I, wanneer zij voeder voor gezelschapsdieren vervaardigen als bedoeld in artikel 24, lid 1, onder e), van die verordening;

b) hoofdstuk II, wanneer zij dierlijke bijproducten opslaan als bedoeld in artikel 24, lid 1, onder i), van die verordening en wanneer zij dierlijke bijproducten na het verzamelen ervan hanteren met de volgende in artikel 24, lid 1, onder h) genoemde handelingen:

i) sorteren;

ii) snijden;

iii) koelen;

iv) invriezen;

v) zouten;

vi) conserveren met andere procedés;

vii) verwijderen van huiden of verwijderen van specifiek risicomateriaal;

viii) handelingen waarbij dierlijke bijproducten worden gehanteerd en die verricht worden in overeenstemming met de voorschriften van de veterinaire wetgeving van de Unie;

ix) ontsmetting/pasteurisatie van dierlijke bijproducten die bestemd zijn voor omzetting in biogas of compost, voordat een dergelijke omzetting of compostering in een andere inrichting of een ander bedrijf plaatsvindt overeenkomstig bijlage V;

x) zeven;

c) hoofdstuk III, wanneer zij afgeleide producten opslaan voor bepaalde voorgenomen doeleinden als bedoeld in artikel 24, lid 1, onder j) van die verordening.

Uitspraken die dit artikel aanhalen