Art. 51 Verordening (EU) nr. 1095/2010, Benoeming

Verordening (EU) nr. 1095/2010

1. De Autoriteit wordt geleid door een uitvoerend directeur, een voorzitter, die een voltijds, onafhankelijk deskundige is.

2. De uitvoerend directeur wordt na een open selectieprocedure en na bevestiging door het Europees Parlement door de raad van toezichthouders benoemd op basis van verdienste, bekwaamheid, kennis van financiëlemarktdeelnemers en financiële markten, relevante ervaring met betrekking tot financieel toezicht en financiële regulering en managementervaring.

3. Het mandaat van de uitvoerend directeur bedraagt vijf jaar en kan één keer worden verlengd.

4. In de loop van de negen maanden die voorafgaan aan het einde van het mandaat van de uitvoerend directeur, voert de raad van toezichthouders een beoordeling uit van met name:

a) de in de eerste ambtstermijn behaalde resultaten en de wijze waarop die zijn bereikt;

b) de taken en de behoeften van de Autoriteit in de komende jaren.

Rekening houdend met de in de eerste alinea bedoelde beoordeling kan de raad van toezichthouders het mandaat van de uitvoerend directeur één keer verlengen.

5. De uitvoerend directeur kan slechts uit zijn functie worden ontheven door een besluit van de raad van toezichthouders.