Art. 63 Richtlijn 2010/75/EU, Belangrijke wijziging van bestaande installaties
1. Een wijziging in de massa organische oplosmiddelen die een installatie gemiddeld op één dag maximaal als input gebruikt, als de installatie bij de ontwerpoutput in andere omstandigheden dan opstarten, stilleggen en onderhoud functioneert, wordt als belangrijk beschouwd indien deze leidt tot een verhoging van de emissie van vluchtige organische stoffen van meer dan:
a) 25 % voor een installatie waarin activiteiten worden verricht die binnen de laagste drempelwaarde-interval van de punten 1, 3, 4, 5, 8, 10, 13, 16 of 17 van de tabel in bijlage VII, deel 2, vallen of activiteiten die onder een van de andere punten van bijlage VII, deel 2, vallen, en die minder dan 10 t oplosmiddel per jaar gebruikt;
b) 10 % voor alle andere installaties.
2. Wanneer een bestaande installatie een belangrijke wijziging ondergaat of na een belangrijke wijziging voor het eerst onder de richtlijn valt, wordt dat deel van de installatie dat de belangrijke wijziging heeft ondergaan behandeld als nieuwe installatie dan wel als een bestaande installatie, mits de totale emissies van de gehele installatie niet hoger zijn dan wanneer het deel dat belangrijke wijzigingen heeft ondergaan als nieuwe installatie was behandeld.
3. In geval van een belangrijke wijziging gaat de bevoegde autoriteit opnieuw na of de installatie aan de eisen van deze richtlijn voldoet.