Art. 48 Richtlijn 2010/75/EU, Monitoring van emissies

Richtlijn 2010/75/EU

1. De lidstaten zorgen ervoor dat de monitoring van de emissies plaatsvindt overeenkomstig deel 6 en deel 7 van bijlage VI.

2. De installatie en de werking van de geautomatiseerde meetsystemen zijn onderworpen aan controles en aan jaarlijkse verificatietest als omschreven in bijlage VI, deel 6, punt 1.

3. De bevoegde autoriteit bepaalt de plaats van de bemonsterings- of meetpunten voor de monitoring van de emissies.

4. Alle monitoringresultaten worden op zodanige wijze geregistreerd, verwerkt en gepresenteerd dat de bevoegde autoriteit kan controleren of de in de vergunning opgenomen exploitatievoorwaarden en emissiegrenswaarden worden nageleefd.

5. Zodra in de Unie geschikte meettechnieken beschikbaar zijn, stelt de Commissie, door middel van de gedelegeerde handelingen overeenkomstig artikel 76 en volgens de voorwaarden van de artikelen 77 en 78, vast vanaf welke datum continumetingen van de emissies in de lucht van zware metalen, dioxinen en furanen moeten worden uitgevoerd.