Art. 30 Richtlijn 2010/35/EU, Procedure voor het omgaan met vervoerbare drukapparatuur die op nationaal niveau een risico inhoudt
1. Wanneer de markttoezichtautoriteiten van een lidstaat maatregelen hebben genomen krachtens artikel 20 van Verordening (EG) nr. 765/2008 of voldoende redenen hebben om aan te nemen dat onder deze verordening vallende vervoerbare drukapparatuur een risico voor de gezondheid of veiligheid van personen of voor andere onder deze verordening vallende aspecten van de bescherming van algemeen belang vormt, voeren zij een beoordeling van de betreffende vervoerbare drukapparatuur uit in het licht van alle in deze richtlijn vastgestelde eisen. De desbetreffende marktdeelnemers werken op elke vereiste wijze met de markttoezichtautoriteiten samen, onder andere door hen toegang te verlenen tot hun kantoren en hen zo nodig monsters te bezorgen.
Wanneer de markttoezichtautoriteiten bij deze beoordeling vaststellen dat de vervoerbare drukapparatuur niet voldoet aan de eisen die zijn vermeld in de bijlagen bij Richtlijn 2008/68/EG en in deze richtlijn, verlangen zij onverwijld van de betrokken marktdeelnemer dat hij binnen een door hen vast te stellen redelijke termijn, die evenredig is aan de aard van het risico, passende corrigerende maatregelen neemt om de vervoerbare drukapparatuur met deze eisen in overeenstemming te brengen, uit de handel te nemen of terug te roepen.
De markttoezichtautoriteiten brengen de desbetreffende aangemelde instantie hiervan op de hoogte.
Artikel 21 van Verordening (EG) nr. 765/2008 is van toepassing op de in dit lid, tweede alinea, genoemde corrigerende maatregelen.
2. Wanneer de markttoezichtautoriteiten van mening zijn dat de non-conformiteit niet tot hun nationale grondgebied beperkt is, brengen zij de Commissie en de andere lidstaten op de hoogte van de resultaten van de beoordeling en van de maatregelen die zij van de marktdeelnemer hebben verlangd.
3. De marktdeelnemer zorgt ervoor dat alle passende corrigerende maatregelen worden genomen ten aanzien van vervoerbare drukapparatuur die hij in de Unie op de markt heeft aangeboden.
4. Wanneer de desbetreffende marktdeelnemer niet binnen de in lid 1, tweede alinea, bedoelde termijn doeltreffende corrigerende maatregelen neemt, nemen de markttoezichtautoriteiten alle passende voorlopige maatregelen om het op hun nationale markt aanbieden van vervoerbare drukapparatuur te verbieden of te beperken, dan wel de apparatuur in de betrokken lidstaat uit de handel te nemen of terug te roepen.
Zij brengen de Commissie en de andere lidstaten onverwijld van deze maatregelen op de hoogte.
5. De in lid 4 bedoelde informatie omvat alle bekende bijzonderheden, met name de gegevens die nodig zijn om niet-conforme vervoerbare drukapparatuur te identificeren en om de oorsprong van de apparatuur, de aard van de beweerde non-conformiteit en van het betrokken risico, en de aard en de duur van de genomen nationale maatregelen vast te stellen, evenals de argumenten die worden aangevoerd door de desbetreffende marktdeelnemer. De markttoezichtautoriteiten vermelden met name of de non-conformiteit een van de volgende redenen heeft:
a) de vervoerbare drukapparatuur voldoet niet aan de in de bijlagen bij Richtlijn 2008/68/EG en in deze richtlijn vastgestelde eisen ten aanzien van de gezondheid of veiligheid van personen of andere aspecten van de bescherming van algemeen belang, of
b) tekortkomingen in de normen of technische codes waarnaar wordt verwezen in de bijlagen bij Richtlijn 2008/68/EG of in andere bepalingen van die richtlijn.
6. De andere lidstaten dan die welke de procedure in gang heeft gezet, brengen de Commissie en de andere lidstaten onverwijld op de hoogte van door hen genomen maatregelen en van aanvullende informatie over de non-conformiteit van de vervoerbare drukapparatuur waarover zij beschikken, en van hun bezwaren indien zij het niet eens zijn met de aangemelde nationale maatregel.
7. Indien binnen twee maanden na de ontvangst van de in lid 4 bedoelde informatie geen bezwaar tegen een voorlopige maatregel van een lidstaat is ingebracht door een lidstaat of de Commissie, wordt die maatregel geacht gerechtvaardigd te zijn.
8. De lidstaten zorgen ervoor dat ten aanzien van de betrokken vervoerbare drukapparatuur onverwijld passende beperkende maatregelen worden genomen zoals het verwijderen van de vervoerbare drukapparatuur uit de markt.