Art. 44 Verordening dierlijke bijproducten, Goedkeuringsprocedure
Verordening (EG) nr. 1069/2009 (Verordening dierlijke bijproducten)
1. De bevoegde autoriteit erkent een inrichting of bedrijf alleen, als, voordat met de activiteiten is begonnen, tijdens een bezoek ter plaatse is vastgesteld dat de inrichting of het bedrijf aan de overeenkomstig artikel 27 vastgestelde eisen voldoet.
2. De bevoegde autoriteit kan een voorwaardelijke erkenning verlenen, als uit het bezoek ter plaatse blijkt dat de inrichting of het bedrijf voldoet aan alle eisen inzake infrastructuur en uitrusting om de toepassing van de exploitatieprocedures overeenkomstig deze verordening te garanderen. Een definitieve erkenning verleent zij alleen, als bij een volgend bezoek, af te leggen binnen drie maanden na de voorlopige erkenning, blijkt dat de inrichting of het bedrijf ook aan de overige in lid 1 bedoelde eisen voldoet. Indien er veel vooruitgang is geboekt, maar de inrichting of het bedrijf nog niet aan al die vereisten voldoet, kan de bevoegde autoriteit de voorlopige erkenning verlengen. De totale geldigheidsduur van de voorlopige erkenning mag echter niet meer dan zes maanden zijn.
3. Exploitanten zorgen ervoor dat een inrichting of bedrijf wordt stilgelegd, als de bevoegde autoriteit de erkenning intrekt of, in geval van voorwaardelijke erkenning, nalaat deze te verlengen of een volwaardige erkenning te verlenen.