Art. 11 Verordening (EG) nr. 73/2009, Financiële discipline
1. Om ervoor te zorgen dat de bedragen ter financiering van de marktuitgaven en de rechtstreekse betalingen in het kader van het GLB, die momenteel onder bijlage I, rubriek 2, van het Interinstitutioneel Akkoord tussen het Europees Parlement, de Raad en de Commissie betreffende de begrotingsdiscipline en een goed financieel beheer (17) vallen, de jaarlijkse maxima die zijn vastgesteld in Besluit 2002/929/EG van de vertegenwoordigers van de regeringen der lidstaten, in het kader van de Raad bijeen, van 18 november 2002 betreffende de conclusies van de Europese Raad van Brussel van 24 en 25 oktober 2002 (18) niet overschrijden, wordt een aanpassing van de rechtstreekse betalingen vastgesteld wanneer de voor een gegeven begrotingsjaar geldende ramingen voor de financiering van de bovenbedoelde maatregelen in het kader van rubriek 2, vermeerderd met de in de artikelen 134 en 135 van de onderhavige verordening vastgestelde bedragen en vóór toepassing van de in de artikelen 7 en 10 van de onderhavige verordening en artikel 1, lid 1, van Verordening (EG) nr. 378/2007 bedoelde modulatie, erop wijzen dat het bovenbedoelde toepasselijk jaarmaximum, behoudens een ondermarge van 300 000 000 EUR, zal worden overschreden.
2. Op basis van een voorstel dat de Commissie indient uiterlijk op 31 maart van het kalenderjaar waarop de in lid 1 bedoelde aanpassingen van toepassing zijn, stelt de Raad deze aanpassingen vast uiterlijk op 30 juni van het zelfde kalenderjaar.
3. In het kader van de toepassing van de in artikel 121 vastgestelde toenameregeling op alle in de nieuwe lidstaten toegekende rechtstreekse betalingen, is lid 1 van dit artikel voor de nieuwe lidstaten pas van toepassing vanaf het kalenderjaar waarvoor het in de nieuwe lidstaten geldende niveau van de rechtstreekse betalingen ten minste gelijk is aan het niveau van die betalingen dat dan geldt in de andere lidstaten dan de nieuwe lidstaten.