Art. 37 Richtlijn 2009/132/EG

Richtlijn 2009/132/EG

1. Onverminderd de vrijstelling als bedoeld in artikel 143, onder a), van Richtlijn 2006/112/EG en behoudens het bepaalde in artikel 38 van de onderhavige richtlijn, wordt vrijstelling verleend voor:

a) therapeutische stoffen van menselijke oorsprong;

b) testsera voor de vaststelling van bloedgroepen;

c) testsera voor de vaststelling van weefselgroepen.

2. Voor de toepassing van lid 1 wordt verstaan onder:

a) „therapeutische stoffen van menselijke oorsprong”: menselijk bloed en derivaten daarvan (volledig menselijk bloed, gedroogd menselijk plasma, menselijk albumine en stabiele oplossingen van menselijke plasmaproteïnen, menselijke immoglobuline, menselijk fibrinogeen);

b) „testsera voor de vaststelling van bloedgroepen”: alle testsera van menselijke, dierlijke, plantaardige of andere oorsprong voor de vaststelling van menselijke bloedgroepen en de opsporing van bloedincompatibiliteit;

c) „testsera voor de vaststelling van weefselgroepen”: alle testsera van menselijke, dierlijke, plantaardige of andere oorsprong voor de vaststelling van menselijke weefselgroepen.

Verwijst naar

Vorige artikelen

Volgende artikelen