Art. 13 Richtlijn 2009/39/EG
1. Mocht een lidstaat, aan de hand van een uitvoerige motivering, vaststellen dat een voor bijzondere voeding bestemd levensmiddel dat niet behoort tot de groepen in bijlage I, niet in overeenstemming is met artikel 1, leden 2 en 3, of gevaar oplevert voor de gezondheid van de mens, terwijl het in een of meer lidstaten vrij in de handel is, dan kan die lidstaat de handel in dit product op zijn grondgebied tijdelijk opschorten of beperken. Hij stelt de Commissie en de andere lidstaten daarvan onverwijld in kennis onder vermelding van de redenen die tot zijn besluit hebben geleid.
2. De Commissie onderzoekt zo spoedig mogelijk de door de lidstaat opgegeven redenen en raadpleegt de lidstaten in het kader van het in artikel 15, lid 1, bedoelde comité; zij brengt vervolgens onverwijld advies uit en neemt de passende maatregelen.
3. Indien de Commissie van mening is dat de nationale maatregel moet worden ingetrokken of gewijzigd, treft zij passende maatregelen overeenkomstig de in artikel 15, lid 2, bedoelde regelgevingsprocedure.