Art. 58 Verordening (EG) nr. 889/2008, Voorwaarden voor het gebruik van het codenummer en de plaats van herkomst

Verordening (EG) nr. 889/2008

1. Het in artikel 24, lid 1, onder a), van Verordening (EG) nr. 834/2007 bedoelde codenummer van de controlerende autoriteit of het controleorgaan moet:

a) beginnen met de identificatieafkorting van de lidstaat of het derde land die is vastgesteld in de internationale norm voor de tweeletterlandencodes van ISO-norm 3166 (Codes for the representation of names of countries and their subdivisions);

b) een term bevatten ter aanduiding van het verband met de biologische productiemethode, als bedoeld in artikel 23, lid 1, van Verordening (EG) nr. 834/2007;

c) een door de bevoegde autoriteit vastgesteld referentienummer bevatten; en

d) onmiddellijk onder het communautair logo worden geplaatst, wanneer het communautaire logo op het etiket wordt gebruikt.

2. De in artikel 24, lid 1, onder c), van Verordening (EG) nr. 834/2007 bedoelde aanduiding van de plaats waar de bij de samenstelling van het product gebruikte landbouwgrondstoffen zijn geteeld, moet onmiddellijk onder het in lid 1 bedoelde codenummer worden geplaatst.

Vorige artikelen

Volgende artikelen