Art. 76 Verordening (EG) nr. 479/2008, Bijzondere zekerheid

Verordening (EG) nr. 479/2008

1. Voor druivensap en druivenmost van de GN-codes 2009 61 , 2009 69 en 2204 30 waarvoor de toepassing van de rechten van het gemeenschappelijk douanetarief afhankelijk is van de invoerprijs, wordt de echtheid van deze prijs geverifieerd, hetzij door controle van elke partij, hetzij aan de hand van een forfaitaire waarde bij invoer die door de Commissie wordt berekend op basis van de prijsnoteringen voor dezelfde producten in de landen van oorsprong.

Wanneer de gedeclareerde invoerprijs van de betrokken partij hoger is dan de eventuele forfaitaire waarde bij invoer, verhoogd met een overeenkomstig de in artikel 113, lid 1, bedoelde procedure vastgestelde marge die de forfaitaire waarde met niet meer dan 10 % mag overschrijden, moet een zekerheid worden gesteld die gelijk is aan de op basis van de forfaitaire waarde bij invoer vastgestelde invoerrechten.

Wanneer de invoerprijs van de betrokken partij niet wordt gedeclareerd, is de toepassing van de rechten van het gemeenschappelijk douanetarief afhankelijk van de forfaitaire waarde bij invoer of van de toepassing, onder overeenkomstig de procedure in artikel 113, lid 1, te bepalen voorwaarden, van de desbetreffende bepalingen van de douanewetgeving.

2. Indien de in bijlage VI, punt B.5 of C, bedoelde afwijkingen worden toegepast op ingevoerde producten, stellen de importeurs op het ogenblik van de vrijgave voor het vrije verkeer een zekerheid voor deze producten bij de aangewezen douaneautoriteiten. De zekerheid wordt vrijgegeven wanneer de importeur ten genoegen van de douaneautoriteiten van de lidstaat waar de producten voor het vrije verkeer worden vrijgegeven, aantoont dat de most tot druivensap is verwerkt, in andere producten buiten de wijnsector is gebruikt, of, indien hij tot wijn is verwerkt, naar behoren is geëtiketteerd.

Vorige artikelen

Volgende artikelen