Art. 70 Verordening (EG) nr. 1580/2007, Aanvragen
Verordening (EG) nr. 1580/2007
1. Voor elk operationeel programma waarvoor steun wordt aangevraagd, dient de producentenorganisatie uiterlijk op 15 februari van het jaar na dat waarvoor de steun wordt aangevraagd, bij de bevoegde autoriteit een aanvraag om toekenning van de steun of van het saldo van de steun in.
2. Bij de aanvraag worden bewijsstukken gevoegd met betrekking tot:
a) de aangevraagde steun;
b) de waarde van de in de handel gebrachte productie;
c) de van de leden ontvangen financiële bijdragen en die van de producentenorganisatie zelf;
d) de voor het operationele programma verrichte uitgaven;
e) de naar actie uitgeplitste uitgaven voor crisispreventie- en crisisbeheersmaatregelen;
f) het naar actie uitgesplitste deel van het actiefonds dat is besteed aan crisispreventie- en crisisbeheersmaatregelen;
g) de naleving van artikel 9, lid 2, en artikel 9, lid 3, onder a) of b), en artikel 10 van Verordening (EG) nr. 1182/2007;
h) een schriftelijke verbintenis dat zij geen overlappende financiering uit communautaire dan wel nationale bron heeft ontvangen voor maatregelen en/of acties die in aanmerking komen voor steun in het kader van de onderhavige verordening; en
i) in het geval van een aanvraag voor een betaling die is gebaseerd op een in artikel 61, lid 5, bedoeld forfaitair standaardtarief, het bewijs van uitvoering van de betrokken actie.
3. De aanvraag mag betrekking hebben op geprogrammeerde, maar niet daadwerkelijk gedane uitgaven, indien de volgende elementen worden aangetoond:
a) de betrokken acties konden door omstandigheden waarop de betrokken producentenorganisatie geen vat had, niet worden uitgevoerd uiterlijk op 31 december van het jaar waarin het operationele programma liep;
b) die acties kunnen wel worden uitgevoerd uiterlijk tegen 30 april van het volgende jaar; en
c) een gelijkwaardige bijdrage van de producentenorganisatie blijft in het actiefonds.
De steun wordt slechts uitbetaald en de overeenkomstig artikel 72, lid 3, gestelde zekerheid slechts vrijgeven, als het bewijs wordt geleverd dat de in de eerste alinea, onder b), bedoelde geprogrammeerde uitgaven zijn verricht op uiterlijk 30 april van het jaar na dat waarvoor de betrokken uitgaven waren geprogrammeerd, en voor zover wordt vastgesteld dat daadwerkelijk op de steun aanspraak kan worden gemaakt.
4. Wanneer de aanvraag na de in lid 1 vastgestelde datum wordt ingediend, wordt de steun per dag overschrijding met 1 % gekort.
In uitzonderlijke en naar behoren gemotiveerde gevallen kan de bevoegde autoriteit aanvragen die na de in lid 1 bepaalde datum zijn ingediend, aanvaarden, indien de nodige controles zijn uitgevoerd en de in artikel 71 vastgestelde betalingstermijn in acht is genomen.