Art. 121 Integrale-GMO-verordening, Vaststelling van normen, uitvoeringsbepalingen en afwijkingen
Verordening (EG) nr. 1234/2007 (Integrale-GMO-verordening)
De Commissie stelt voor dit hoofdstuk uitvoeringsbepalingen vast, die met name betrekking hebben op:
a) handelsnormen als bedoeld in artikel 113, met inbegrip van voorschriften inzake het afwijken van de normen, het indienen van in verband met de normen vereiste gegevens en het toepassen van de normen op in de Gemeenschap ingevoerde of uit de Gemeenschap uitgevoerde producten;
b) wat betreft de definities en benamingen die overeenkomstig artikel 114, lid 1, mogen worden gebruikt voor het in de handel brengen van melk en zuivelproducten:
i) de vaststelling en indien nodig de aanvulling, aan de hand van de door de lidstaten aan de Commissie toegezonden lijsten, van de lijst van de producten als bedoeld in de tweede alinea van punt III.1 van bijlage XII,
ii) de aanvulling, indien nodig, van de lijst van benamingen die is opgenomen in de tweede alinea, onder a), van punt II.2 van bijlage XII;
c) wat betreft de normen voor smeerbare vetproducten als bedoeld in artikel 115:
i) een lijst van de in de derde alinea, onder a), van punt I.2 van bijlage XV bedoelde producten, aan de hand van de door de lidstaten aan de Commissie toegezonden lijsten,
ii) de analysemethoden voor de controle op de samenstelling en de bereidingskenmerken van de in artikel 115 bedoelde producten,
iii) de voorschriften inzake monsterneming,
iv) de voorschriften voor het verzamelen van statistische gegevens over de markten voor de in artikel 115 bedoelde producten;
d) wat betreft de bepalingen voor het in de handel brengen van eieren als bedoeld in punt A van bijlage XIV:
i) definities,
ii) de frequentie van verzameling, levering, bewaring en behandeling van eieren,
iii) de kwaliteitscriteria, in het bijzonder het uiterlijk van de schaal, de vastheid van het eiwit en de dooier en de diepte van de luchtkamer,
iv) de indeling naar gewicht, met inbegrip van uitzonderingen,
v) het merken van eieren en de vermeldingen op verpakkingen, met inbegrip van uitzonderingen en van de regels die gelden voor pakstations,
vi) het handelsverkeer met derde landen,
vii) de houderijmethoden;
e) wat betreft de bepalingen voor het in de handel brengen van vlees van pluimvee als bedoeld in punt B van bijlage XIV:
i) definities,
ii) de lijst van pluimveekarkassen, gedeelten van dergelijke karkassen en slachtafvallen, met inbegrip van foie gras, waarop punt B van bijlage XIV van toepassing is,
iii) de indelingscriteria in de zin van punt III.1 van punt B van bijlage XIV,
iv) de regels betreffende de overige gegevens die moeten worden vermeld op de begeleidende handelsdocumenten, de etikettering en presentatie van en de reclame voor vlees van pluimvee dat voor de eindverbruiker is bestemd, en de benaming waaronder het product wordt verkocht in de zin van artikel 3, lid 1, punt 1, van Richtlijn 2000/13/EG,
v) facultatieve gegevens betreffende de gebruikte koelmethode en de houderijmethode,
vi) afwijkingen die kunnen worden toegepast bij leveringen aan uitsnijderijen of vleesverwerkende inrichtingen,
vii) de toepasselijke regels wat betreft de percentages waterabsorptie tijdens de verwerking van verse, bevroren of diepgevroren karkassen en delen daarvan, en de gegevens die terzake moeten worden vermeld;
f) wat betreft de bepalingen inzake de normen voor de productie van en de handel in broedeieren en kuikens van pluimvee als bepaald in punt C van bijlage XIV:
i) definities,
ii) de registratie van inrichtingen die broedeieren of kuikens van pluimvee produceren of in de handel brengen,
iii) de gegevens die moeten worden aangebracht op broedeieren, met inbegrip van de broedeieren die worden ingevoerd uit of uitgevoerd naar derde landen, en op de verpakkingen, en de regels die gelden voor uit derde landen afkomstige kuikens,
iv) de registers die door broederijen moeten worden bijgehouden,
v) het gebruik voor andere doeleinden dan menselijke consumptie dat mag worden gemaakt van bebroede eieren die uit de broedmachine zijn gehaald,
vi) kennisgevingen van broederijen en andere inrichtingen aan de bevoegde instanties van de lidstaten,
vii) begeleidende documenten;
g) de minimumkwaliteitskenmerken voor producten van de hopsector als bedoeld in artikel 117;
h) de te gebruiken analysemethoden, indien van toepassing;
i) wat betreft het gebruik van caseïne en caseïnaten als bedoeld in artikel 119:
i) de voorwaarden waaronder de lidstaten de toestemming verlenen en de maximale verwerkingspercentages, aan de hand van objectieve criteria in verband met wat technologisch noodzakelijk is,
ii) de verplichtingen waaraan moet worden voldaan door de bedrijven waaraan overeenkomstig punt i) toestemming is verleend.