Art. 57 Verordening (EG) nr. 718/2007, Evaluatie
1. De evaluaties hebben tot doel de kwaliteit, de doeltreffendheid en de samenhang van de steunverlening uit de middelen van de Gemeenschap en de uitvoering van de programma’s te verbeteren.
2. De in artikel 5 bedoelde indicatieve meerjarenplannen worden regelmatig door de Commissie vooraf geëvalueerd.
3. De Commissie kan ook strategische evaluaties verrichten.
4. Voor alle programma’s worden evaluaties vooraf, tussentijds en waar nodig achteraf uitgevoerd overeenkomstig de specifieke bepalingen voor elke afdeling van het IPA in deel II van deze verordening en artikel 21 van Verordening (EG, Euratom) nr. 2342/2002.
5. In de loop van de uitvoeringsperiode van een programma wordt ten minste één tussentijdse evaluatie verricht, en wel wanneer het toezicht op het programma uitwijst dat er een aanzienlijke afwijking van de oorspronkelijk gestelde doelen is opgetreden.
6. Evaluaties achteraf van de uitvoering van de steun behoren tot de verantwoordelijkheid van de Commissie. Evaluaties achteraf moeten aanwijsbare resultaten specifiek voor bepaalde IPA-afdelingen omvatten. Bij gezamenlijk beheer kan de evaluatie achteraf samen met andere donors worden uitgevoerd.
7. De resultaten van de evaluatie achteraf en de tussentijdse evaluatie worden bij de programmerings- en uitvoeringscyclus in aanmerking genomen.
8. De Commissie ontwikkelt evaluatiemethoden, die kwaliteitsnormen omvatten en van objectieve en meetbare indicatoren gebruikmaken.